Actie Zalm tegen salaris BNG-bank

Minister Zalm (Financiën, VVD) wil het beloningssysteem van de directie van de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) aanpakken. Eerder deed Zalm dit al bij de Nederlandse Waterschapsbank.

Een woordvoerder van BNG bevestigt desgevraagd dat het ministerie van Financiën de beloning van het topmanagement aanstaande woensdag aan de orde zal stellen op de aandeelhoudersvergadering van de BNG.

De staat, vertegenwoordigd door het ministerie van Financiën, bezit de helft van de aandelen in de BNG. In een brief aan de overige aandeelhouders – gemeentes en provincies – schrijft Zalm dat het voorgestelde bezoldigingsbeleid voor de bestuurders niet voldoet aan de eisen die de staat hieraan stelt. In 2003 (laatste beschikbare gegevens) verdienden de vier directieleden van de BNG ieder aan vast salarissen, bonussen en individuele pensioenbijdragen tussen de vier en ruim zes ton.

Gisteren hield de staat een voorstel voor het beloningssysteem van de directie van de Waterschapsbank tegen. Op de aandeelhoudersvergadering van de Waterschapsbank was geen meerderheid om het het toekomstige bezoldigingsbeleid goed te keuren. De staat bezit 17,2 procent van de aandelen in de Waterschapsbank, de overige aandeelhouders zijn de regionale waterschappen. Wel werden de bestaande contracten voor de inkomens van de zittende directie in tact gelaten. Bestuursvoorzitter Koemans verdiende vorig jaar inclusief pensioenlasten 470.000 euro.

De actieve bemoeienis van de staat bij de beloning van het management vloeit voort uit de wijziging van het vennootschapsrecht eind vorig jaar waarin de positie van de aandeelhouders is versterkt en de aanbevelingen voor goed ondernemingsbestuur zijn vastgelegd. De staat eist een evenwichtig bezoldigingssysteem volgens duidelijke criteria, inkomens die aan de onderkant zitten van wat in vergelijkbare organisaties gangbaar is en toepassing van het middelloonstelsel bij de pensioenvoorziening. Dat is bij de beloningsvoorstellen van de Waterschapsbank en van de BNG niet het geval.

De voorzitter van de raad van commissarissen van de Waterschapsbank, oud-bankier R. van den Brink, zei na afloop van de aandeelhoudersvergadering dat de assertieve opstelling van het ministerie als een verrassing was gekomen. ,,Het is een zeer onwenselijke ontwikkeling die het belang van de venoootschap niet dient'', aldus Van den Brink. [Vervolg ZALM: pagina 15]

ZALM

Vd Brink: 'Dit is politiek'

[Vervolg van pagina 11] President-commissaris Van den Brink zei te vermoeden dat de kritiek op de beloningen is ingegeven door de recente ophef over de topinkomens bij de energiebedrijven. ,,Met dit soort acties wordt het afbreukrisico voor bestuurders groter en daardoor zullen de beloningseisen in de toekomst alleen maar hoger worden'', voorspelde Van den Brink. ,,Je kunt wel een paar miljoen mensen vinden die het voor minder willen doen, maar dat zou het bedrijf niet ten goede komen.''

Volgens Van den Brink is de Waterschapsbank een `test case' voor het ministerie van Financiën voor toemstige aanpassingen van de beloningsstructuur bij andere staatsdeelnemingen. ,,Een aantal opvattingen is niet zakelijk. Ze worden op een politieke manier ingevuld'', zei hij.

Bestuursvoorzitter A. Koemans zei teleurgesteld te zijn in de opstelling van Zalm. Volgens hem is sprake van marktconforme salarissen bij de Waterschapsbank. Over 2003 en 2004 zijn de topsalarissen bij de Waterschapsbank bevroren. Koemans voelde zich dan ook niet aangesproken door het voorbeeld van de top van de energiebedrijven die onder publieke druk afstand deden van een deel van hun bonussen. ,,Wij verdienen geld voor de overheid'', zei Koemans. De winst van de Waterschapsbank over 2004 steeg met 31 procent tot 103 miljoen euro. De aandeelhouders – staat en waterschappen – ontvangen 40 miljoen euro dividend. Bij de Waterschapsbank werken (inclusief directie) 37 mensen; de Bank Nederlandse Gemeenten heeft ruim vierhonderd medewerkers.