Slow banking

ABN Amro heeft een bod uitgebracht op Banca Antonveneta, dat door het Italiaanse bankestablishment met alle middelen wordt gedwarsboomd. Het is een gevecht dat over meer gaat dan financiële belangen. Het is een cultuurstrijd.

Voordat ABN Amro-topman Groenink in 1999 bestuursvoorzitter werd, had hij zijn sporen verdiend in de sector Bijzondere Kredieten – zeg maar de intensive care van de bank. Het ging en gaat er daar niet zachtzinnig aan toe. De belangen zijn groot en de mogelijke schades, zowel financieel als qua reputatie, zijn dat ook. Groenink heeft in die tijd leiding moeten geven aan heel wat avontuurlijke expedities die menig spannend boek hadden kunnen opleveren, ware het niet dat de meeste reddingsacties (of uitbeenderijen, afhankelijk van het gezichtspunt) zo stilletjes mogelijk moeten worden uitgevoerd. Het helpt dat de financiële kwetsbaarheid van BK-cliënten en de schaamte van hun directies vaak een deksel van discretie leggen over het pokerspel van belangen. Groenink was er goed in. Af en toe, bij situaties als HCS en Daf, werd de druk zo hoog dat het deksel van de pan vloog. Dan verscheen zijn naam in de pers, maar het is zeker dat hij in stilte veel meer voor de bank heeft gered of binnengehaald dan die enkele geruchtmakende affaire aan schade heeft opgeleverd. Anders was deze avontuurlijke Amro-bankier nooit de opvolger geworden van de ABN-aristocraat Kalff.

Bankieren bij Bijzondere Kredieten, zeker bij de zware afdeling, is heel wat anders dan aan de nette voorkant van de bankkantoren. Aan de voorkant spreekt men van vertrouwen en relaties, en dat was vroeger in vrijwel de hele bank zo. Aan de achterkant zijn er ratio's en convenanten in plaats van vertrouwen, en relaties heten er debiteuren. Groenink is, zo niet uit temperament dan ten minste door zijn verleden, een achterkantbankier. Toen hij na zijn aantreden als bestuursvoorzitter zei dat hij bij de bank naar een afrekencultuur wilde, was het duidelijk wat hij bedoelde: ratio's en convenanten, ook in het personeelsbeleid, en wie daar niet aan voldeed kon vertrekken. Achterkantbankieren kwam naar de voorkant en werd de norm voor het nieuwe bankieren. Relatiebankieren werd ouderwets.

Besturen op basis van regels, cijfers en ratio's is een noordelijke, haast protestantse manier van doen. Het past bij een wereldbeeld dat ervan uit gaat dat het bestaan guur is en dat alleen wetten en regels de boel nog een beetje leefbaar houden. De wet en het contract bieden veiligheid. Dit staat haaks op een wereldbeeld waar de relatie centraal staat. ,,Van wie ben jij er een'', vroegen ze vroeger in het dorp, en als je dan zei wie je vader was, was dat genoeg. Dan konden ze je plaatsen. Dat is een zuidelijke, meer katholieke manier van doen. Ook in deze optiek is de wereld een guur oord. Alleen zijn regels niet de oplossing maar een deel van het probleem, want ze zijn gemaakt door de machtigen om jou te kunnen ophangen. Veiligheid vind je bij de moederkerk, en bij familie- en vriendenbanden. Een katholieke zuiderling roept in nood de hulp in van zijn naaste relaties. De noordelijke protestant ziet dat en beklaagt zich over corruptie en vriendjespolitiek. Als hij zelf klem komt te zitten zal hij altijd wijzen naar de regels en ,,niet eerlijk!'' roepen. De zuiderling vindt hem koud en onbetrouwbaar, want wat heb je aan iemand die omwille van de regels bereid is zelfs zijn eigen familie bij de politie aan te geven? De veiligheid van de een is voor de ander juist een bedreiging. En omgekeerd.

Zo kwam Groenink als noordelijke vandaal het tere Italiaanse relatielandschap binnenvallen. Hij had onvoldoende de tijd of de moeite genomen om zelf een van de vertrouwden in het netwerk te worden door een historie van verleende en ontvangen gunsten op te bouwen. Ja, hij had gezorgd voor een gunstig gezind bestuur bij Antonveneta, maar dat bleek te oppervlakkig. Vertrouwen groeit niet in een paar jaar, dat gaat traag als een olijfboom. Groenink keek naar de geschreven regels en naar de contracten en bracht zijn bod uit, zonder begrip of respect voor de bedreiging die het oplevert voor het onzichtbare veiligheidsnet van relaties. De Banca d'Italia is hoedster en clearing house van die relaties. Ze vormen een belangrijk deel van haar informele kapitaal. Als zij nu moet capituleren voor ,,regels zijn regels'', dan raakt haar hele vermogen om dienst en wederdienst in te roepen in één klap gedevalueerd. Geen wonder dat zij in het geweer kwam. Zij moest wel.

De overnamestrijd is een cultuurstrijd. Regels tegenover relaties, afrekenen tegenover vertrouwen, daar gaat het om. Dat Brussel zich in het gevecht mengt met verwijzing naar andere regels, namelijk die over mededinging, is voor geen enkele Italiaan een verrassing. Dat bevestigt alleen maar wat ze allang wisten: de EU moet je gebruiken, niet vertrouwen. Bovendien bewijst het de dubbele moraal van de noorderlingen: preken over regels, maar relaties gebruiken om ze af te dwingen. De betrokken Eurocommissaris komt uit Nederland.

De Italiaanse beurstoezichthouder Consob heeft nu vastgesteld dat ABN Amro onreglementair is tegengewerkt. Dat ziet eruit als een gelijkmaker in de strijd tussen regels en relaties. We kunnen onze verontwaardiging over de oneerlijke behandeling die `onze' ABN Amro ten deel valt, dus even opschorten. Maar los van het wij-gevoel is het de vraag of we zo blij moeten zijn als onze kampioenen winnen. Want zien we ook wat zij dreigen aan te richten? We vinden het heerlijk om onze vakanties in Toscane en Umbrië door te brengen en te genieten van het typisch locale karakter van een slow food restaurant. Daar zien we de waarde van in, en we vinden het jammer dat dat bij ons niet bestaat. Nee, we hebben het laten wegdrukken door grootschalige agrarische productie en consumenten-massamarkten. Vertrouwen en relatienetwerken zijn als streekgerechten. Ze komen voort uit traditie, je moet weten wat de ingrediënten zijn, en ze met geduld en aandacht bereiden. Ze staan onder de druk van industrieel gemaksvoedsel. Maar zeker voor een Italiaan horen ze bij de kwaliteit van het leven.

Misschien heeft de Banca d'Italia ook daarom gelijk zich sterk te maken, en niet voetstoots te wijken voor deze aanvalsgolf van afrekenbankieren. Slow banking, misschien kunnen we er nog iets van leren.