Cannes: oorlog en het vette westen

In Cannes worden de films dit jaar op esthetische kwaliteiten beoordeeld, aldus juryvoorzitter Emir Kusturica. In Lemming van Dominik Moll drijft een zelfmoord de relatie tussen een jong en een oud, bitter stel op de spits.

Op het filmfestival van Cannes is het niet ruimte, maar tijd die de sterren van de toeschouwers scheidt. De acteurs en actrices komen van het doek gestapt, en soms zijn de goden nog maar centimeters van de stervelingen verwijderd. Waar een paar uur geleden nog gewoon gelopen kon worden, is nu een exclusief domein: de rode loper. Het publiek speelde zijn rol met verve tijdens de opening van het festival gisteravond, die langer duurde dan de openingsfilm. Catherine Deneuve was de grootste ster die – in een rode jurk – over de rode loper liep. Deneuve heeft geen film op het festival. Wel geeft de grote Franse ster, wiens debuut Les parapluies du Cherbourg in 1964 een Gouden Palm won, morgen een masterclass acteren.

De beroemdste regisseur op de loper was Emir Kusturica, tweevoudig Gouden Palmwinnaar en nu voorzitter van de jury, waarin verder onder meer de Amerikaanse schrijfster Toni Morrison en de Mexicaanse actrice Salma Hayek zitting hebben. Kusturica beloofde dat de jury de twintig films in competitie vooral op hun esthetische kwaliteiten zou beoordelen. Hij verwees daarmee naar de winnaar van vorig jaar, Fahrenheit 9/11 van Michael Moore, een film waarvan de bekroning ook volgens festivaldirecteur Gilles Jacob vooral een politieke keuze was.

Het festival opende vervolgens met Lemming van Dominik Moll, een van de drie Franse films in competitie. Moll maakte eerder de Hitchcockiaanse thriller Harry, un ami qui vous veut bien. In Lemming worden twee paren tegenover elkaar gezet: een jong, gelukkig echtpaar dat alles goed voor elkaar lijkt te hebben, en een ouder, bitter geworden stel dat niet eens meer probeert de schijn op te houden. Een zelfmoord drijft de relaties tussen de vier op de spits en Moll weet ondanks zijn strakke stijl de mogelijkheid open te houden dat de twee vrouwen in elkaar veranderen. Lemming doet in meerdere opzichten denken aan de enige Nederlandse speelfilm in Cannes, Guernsey van Nanouk Leopold, waarin ook een zelfmoord de zekerheden van een gelukkig gezin op losse schroeven zet. Daarmee is een van de uitersten van dit festival al geïntroduceerd: de vervreemding en verveling in het vette, tevreden westen. Het andere uiterste was op de openingsavond ook al aanwezig. Voor de pers werd Kilometer Zero van Hiner Saleem vertoond. Saleem is een in de jaren tachtig uit Irak gevluchte Koerd, wiens in Armenië opgenomen film Wodka Lemon twee jaar geleden bekroond werd op het filmfestival van Venetië. Zijn nieuwe film, die dit keer in Irak zelf kon worden gedraaid, gaat juist over de dingen die in het vette westen alleen nog geschiedenis zijn. ,,Europa is geweldig'', zegt een Koerd in de film, ,,daar was de laatste oorlog zestig jaar geleden''. Een ander zwijmelt weg bij de gedachte aan Anita Ekberg in de Trevi fontein.

Kilometer Zero speelt zich af in de jaren tachtig tijdens de oorlog tussen Irak en Iran. Het best beklijvende beeld is dat van een stoet taxi's met doodskisten op het dak, waarin de lijken zitten van gesneuvelde soldaten die thuisbezorgd moeten worden. De taxi's mogen geen stad binnen, want de bevolking mag de kisten niet zien. De rijdende kisten over stoffige weggetjes doen denken aan beelden die nu ook hier in de media verborgen blijven: de begrafenissen van in Irak gesneuvelde Amerikaanse soldaten. Zo komen de twee uitersten al op de eerste dag van het festival samen.