ABN Amro wint een slag, maar niet de oorlog

ABN Amro boekte gisteren een overwinning in het gevecht om de Italiaanse bank Antonveneta. Maar is inmiddels te voorzien hoe de felle overnamstrijd gaat eindigen?

Saai is het zeker niet. Het strijdtoneel waarin ABN Amro verzeild is geraakt, levert elke week weer nieuwe verrassingen op. Leken de Nederlanders vorige week nog uitgespeeld, sinds gisteren zijn hun kansen weer toegenomen. Wereldwijd wordt de strijd gevolgd. Want het gaat hier al lang niet meer alleen om winst of verlies van ABN Amro, maar om een lakmoesproef op de openheid van de Italiaanse financiële markt en de onkreukbaarheid van de instituties.

Gisteren besloot de Italiaanse beurswaakhond Consob dat ABN-rivaal Banca Popolare di Lodi heeft samengespannen met andere beleggers om de macht bij Antonveneta te grijpen. De groep had op 19 april al een belang van 30 procent in de bank uit Padua, en dat mag niet zonder dit te melden. De Consob wil dan ook dat Lodi en consorten voor 19 mei met een openbaar bod komen op Antonveneta, waarschijnlijk in contanten.

De uitspraak van de Consob is met opluchting en instemming ontvangen in Italië. Gesproken wordt van een ,,goede dag voor het functioneren van de Italiaanse instituten''. De krant la Repubblica schrijft dat de beslissing van de Consob bewijst ,,dat er wetten bestaan die de financiële markten beschermen en dat die wetten worden toegepast als dat nodig is.'' Zakenkrant Il Sole 24 Ore is blij dat de Consob de moed heeft gehad om ,,te bevestigen wat insiders al lang wisten'', namelijk dat er werd samengespannen.

Met de uitspraak van de beurswaakhond komt de centrale bank nog meer onder vuur te liggen. Die gaf in de afgelopen tijd steeds toestemming aan Lodi om een groter belang in Antonveneta te nemen.

Zoveel opluchting en tevredenheid als er bestaat over het handelen van de Consob, zo diffuus en onduidelijk is nu wat er in de overnamestrijd gaat gebeuren. Juristen en analisten maken overuren om

te bepalen wat de consequenties van de uitspraak van de Consob zijn.

Lodi heeft de bestuursrechter gevraagd de uitspraak van Consob ongeldig te verklaren, omdat deze ,,meer op deducties dan op feiten is gebaseerd''. In de spoedprocedure wordt binnen 48 uur een uitspraak verwacht.

Mocht Lodi gelijk krijgen, wat vrijwel niemand in Italië hoopt, dan lijkt het de strijd alsnog te winnen. Maar als de bank samen met haar partners daadwerkelijk wordt verplicht om voor 19 mei een bod te doen op alle aandelen Antonveneta dan ontstaat er een moeilijke situatie voor de bank uit de buurt van Milaan. Nu al heeft Lodi 2,1 miljard euro uitgegeven om het belang van 29,5 procent in Antonveneta te verwerven. En dat terwijl Lodi zelf maar een beurswaarde heeft van 2,5 miljard euro. Om een bod in contanten uit te brengen zou de alliantie van Lodi volgens analisten nog eens drie tot vier miljard euro moeten verzamelen. Een opdracht die zelfs voor de uiterst creatieve en zeer avontuurlijke Giampiero Fiorani, de gedelegeerd bestuurder van Lodi, wel eens te veel gevraagd kan zijn.

Hij zou zijn geluk deze keer in het buitenland proberen te beproeven. In de internationale media gaan geruchten dat Fiorani overweegt om gerenommeerde instituten als Deutsche Bank, Barclays of BNL-Paribas te vragen als `witte ridder' op te treden. Zo'n verzoek om hulp van buitenaf zou lijnrecht tegenover de passievolle betogen van Fiorani staan dat de ,,Italianiteit'' van de banksector beschermd moet worden.

Lodi en bondgenoten kunnen er ook voor kiezen onder het gedwongen bod uitkomen door hun gezamenlijk aandeel van 40 procent in Antonveneta terugbrengen tot onder de 30 procent. Als het probeert te voorkomen dat ABN Amro deze koopt kan de Consob opnieuw ingrijpen en een bod verplicht stellen. Een andere optie is de verkoop van de aandelen aan ABN, maar gezien de felheid van de overnamestrijd lijkt dit onwaarschijnlijk.

Volgens Marcello Messori, kenner van de Italiaanse bankwereld en hoogleraar politieke economie aan de universiteit van Tor Vergata, heeft ABN Amro nu goede kansen om de strijd te winnen. ,,De tijd werkt in het voordeel van ABN, omdat de bank de middelen heeft om deze mogelijk nog lange strijd vol te houden, terwijl Lodi er financieel zeer zwak voor staat.''

Grote vraag is welk bod als eerste moet worden geëffectueerd. Is dat het verplichte contante bod van Lodi dat minimaal circa 24 euro hoog moet zijn of het bod van ABN van 25 euro? En wat gebeurt er met het bod van Lodi dat vooral uit aandelen en obligaties bestaat. Zelfs als het verplichte bod van Lodi voorgaat, zal het nog weken duren eer dat een feit zal zijn, omdat de centrale bank moet vaststellen of dit opgelegde bod wel bijdraagt aan de stabiliteit van de sector. Hieruit blijkt dat de centrale bank en de Consob lijnrecht tegenover elkaar kunnen komen te staan.

Mocht ABN inmiddels genoeg hebben van het Italiaanse avontuur dan lijkt met het verplichte bod van Lodi het moment aangebroken om eruit te stappen. Door het pakket in Antonveneta tegen de verwachte prijs van 24 euro te verkopen, zouden de Nederlanders circa 500 miljoen euro winst boeken, aangezien ze gemiddeld 15,5 euro per aandeel hebben betaald. ,,Op die manier zou ABN in ieder geval gedeeltelijk schadeloos worden gesteld voor de onbehoorlijke manier waarop de zaak is verlopen'', aldus financieel expert Marco Vitale.