Vraag van de lezer

Zet de Europese Grondwet het Nederlandse (soft)drugsbeleid op de helling? (H.D.C. Huisman, Deventer)

Volgens de Europese Grondwet kunnen besluiten over strafrechtelijke samenwerking tussen EU-landen op het terrein van bijzonder zware criminaliteit met een grensoverschrijdende dimensie (zoals drugshandel) worden genomen met gekwalificeerde meerderheid van stemmen. Daarmee zou Nederland in beginsel kunnen worden overruled. Maar de Grondwet voorziet ook in een zogenoemde `noodremprocedure' (art. III-270, lid 3). Daarin staat dat een EU-land de kwestie kan voorleggen aan de Europese Raad (van staatshoofden en regeringsleiders) als men meent dat Europese wetgeving afbreuk doet aan fundamentele aspecten van zijn nationale strafrechtstelsel. Het Nederlandse drugsbeleid geldt voor Den Haag als zo'n `fundamenteel aspect'. Trekt Nederland aan deze noodrem, dan wordt de Europese wetgevingsprocedure geschorst. Binnen vier maanden moet de Europese Raad (van staatshoofden en regeringsleiders) dan besluiten om het voorstel opnieuw in te dienen, danwel de indieners verzoeken om met een nieuw voorstel te komen. Zo'n besluit vereist unanimiteit en zou dus op een Nederlands veto kunnen stuiten.