Georgië kan aandacht goed gebruiken

President Bush is vandaag in Georgië, een signaal van Amerikaanse steun voor het land van de jonge, enthousiaste en ambitieuze president Michail Saakasjvili. Hij kan die steun best gebruiken.

De Georgiërs hebben president George W. Bush met een volksdansfeest in de oude wijk van Tbilisi ontvangen – het resulteerde in beelden van kleurrijke wapperende kleding en een sfeer van duizend-en-één-nacht. Bush' Georgische collega, Michail Saakasjvili, de held van de `rozenrevolutie' van eind 2003, kon na afloop tevreden vaststellen dat ,,niemand ooit president Bush heeft zien dansen''. Hij stelde bovendien vast dat zijn eerste gesprek met Bush ,,vier of vijf keer langer duurde dan de bedoeling was''.

Het bezoek van Bush aan Georgië – en ook dat stelde Saakasjvili gisteravond bij herhaling vast – is van groot belang voor het land, ver weg als het ligt in de Kaukasus, kampend met een rampzalige erfenis uit het tijdperk van Saakasjvili's voorganger Edoeard Sjevardnadze, kampend ook met permanente vinnige conflicten met de grote buur Rusland over de Russische bases in Georgië en de vermeende Georgische steun aan Tsjetsjeense terroristen, kampend tenslotte met separatistische regio's die, gesteund door Rusland, niet terug willen onder het gezag van Tbilisi.

Er is sinds de rozenrevolutie van eind 2003 het een en ander veranderd in Georgië. Saakasjvili trad aan met drie beloften: de separatistische regio's – Abchazië, Zuid-Ossetië en Adzjarië – terug te halen, de corruptie te bestrijden en de economie opnieuw op te starten. Wat de separatisten betreft is alleen Adzjarië een succes geworden: de eigengereide lokale heerser, Aslan Abasjidze, werd met enige militaire druk en een paar dreigementen verrassend snel verdreven. Maar Zuid-Ossetië, waar de hele bevolking leeft van de smokkel van en naar Rusland en waar de meesten Russische paspoorten bezitten, is een hardere noot gebleken. Het kwam vorig jaar zelfs tot talrijke militaire incidenten; een oplossing lijkt verder dan ooit. Ook in het conflict met de Abchaziërs zit geen schot, ook al zijn daar net als in Georgië nieuwe leiders aangetreden.

De corruptiebestrijding heeft meer vruchten afgeworpen. Corrupte functionarissen worden zonder omhaal ontslagen. ,,Hoe kan een ambtenaar, die per maand 160 lari [80 dollar] verdient en een bonus van 200 lari krijgt, zich een luxe Zwitsers horloge van 1500 dollar veroorloven?'' vroeg de burgemeester van Tbilisi zich eens af alvorens de man te ontslaan. De verkeerspolitie, bron van de meest ergerlijke corruptie, is zelfs in haar geheel afgeschaft. Het heeft bijgedragen tot een drastische verlaging van de criminaliteit. Dat succes heeft wel een schaduwzijde: het ontslag van 12.000 verkeersagenten heeft zeker 100.000 mensen, de agenten en hun familie, in economische misère gestort. Een succes is ook de privatisering: in één jaar leverde die Georgië tien keer zoveel op – 200 miljoen dollar – als in de tien voorgaande jaren bij elkaar. De staatsinkomsten zijn in één jaar verdrievoudigd, door een vergroting van de belasting- en douane-inkomsten en door de veroordeling van corrupte ambtenaren tot terugbetaling van hun frauduleus verkregen inkomsten, in ruil voor vrijlating.

Maar daar is het tot nu toe bij gebleven. De werkloosheid is groot, de buitenlandse schuld is hoog. Er wordt geïnvesteerd in Georgië, maar te weinig (en bijna alleen door Russen): de kwetsbare positie van het land, zijn isolement, de ruzies met Moskou, de corruptie, de slechte infrastructuur en de onzekerheid over de kwestie van de separatisten zijn grote hindernissen. Daar komt de relatieve onbekendheid bij, want de rozenrevolutie vestigde de aandacht op Georgië, maar die verflauwde daarna snel – één van de redenen waarom Saakasjvili zo blij is met het bezoek van Bush.

Of de Georgiërs vandaag bij presidentsverkiezingen `Misja' Saakasjvili zouden kiezen met dezelfde massale steun die ze hem vijftien maanden geleden gaven – 97,5 procent van de stemmen kreeg hij – mag worden betwijfeld: de euforie van de rozenrevolutie is vervlogen, Saakasjvili heeft iets te weinig geduld met critici en het gaat de gemiddelde Georgiër ook niet echt veel beter dan toen – het gemiddelde loon haalt de twee dollar per dag niet. De pensioenen zijn verdubbeld, maar blijven mager en de prijzen zijn het afgelopen jaar fors gestegen.

Saakasjvili heeft een team van jonge, veelal in Amerika of andere Westerse landen opgeleide professionals om zich heen, maar kennis van zaken en veel goede wil zijn alleen niet voldoende om een geruïneerde economie tot bloei te brengen. Daarvoor zijn buitenlandse hulp en veel tijd nodig, en van beide heeft Saakasjvili te weinig.