`Atjeh wacht nog steeds op hulp'

Bijna vijf maanden na de tsunami van tweede kerstdag is de wederopbouw in de zwaar getroffen Indonesische provincie Atjeh nog steeds niet of nauwelijks ter hand genomen. Slachtoffers zijn vooral afhankelijk van hulp van niet-gouvernementele organisaties; van de regering in Jakarta hebben ze vrijwel niets gekregen.

Het hoofd van het Indonesische staatsbureau dat is belast met de hulpverlening en wederopbouw in Atjeh en op Nias, Kuntoro Mangkusubroto, heeft dat gezegd na afloop van een rondreis door de getroffen gebieden. Kuntoro, die vorige week werd benoemd in zijn functie als hulpcoördinator, toonde zich geschokt over de situatie die hij aantrof. ,,Het is schokkend. Er is nog maar heel weinig gebeurd voor de armen'', zei hij tegen verslaggevers.

In de begroting van dit jaar heeft de regering in Jakarta 6.000 miljard roepia (bijna 500 miljoen euro) uitgetrokken voor wederopbouw in de door de tsunami getroffen regio's. Maar volgens Kuntoro wekt het overheidsapparaat absoluut niet de indruk haast te maken bij de verdeling van die gelden. Eerst moeten voorstellen door het ambtelijk apparaat worden geleid en vervolgens moet het parlement ze goedkeuren. Het kan wel tot september duren voordat de gelden daadwerkelijk beschikbaar komen, zei hij.

In ieder geval tot die tijd zal het coördinerend bureau van Kuntoro afhankelijk zijn van de 2 miljard dollar die door grote niet-gouvernementele organsiaties en particulieren is toegezegd voor wederopbouw in Atjeh. Maar ook dan moet er nog veel verbeteren om de hulpverlening effectief te doen zijn, zegt hij. ,,Er worden geen wegen aangelegd, er worden geen bruggen gebouwd. Er worden geen havens aangelegd. Als het aankomt op wederopbouw, (gebeurt er) niets!'', aldus Kuntoro.

Kuntoro, die studeerde aan de universiteit van Stanford en minister van Energie was, rapporteert direct aan de Indonesische president Susilo Bambang Yudhoyono. Zijn benoeming, ruim een week geleden, werd toegejuicht door de internationale donoren. Afgelopen week al sloot hij overeenkomsten met onder meer het Internationale Rode Kruis en de VS voor respectievelijk de reconstructie van een haven in Meulaboh en de aanleg van een weg langs de westkust.

Een functionaris van de Britse hulporganisatie Oxfam zei dat hij in de eerste week onder de indruk is geraakt van het optreden van Kuntoro. ,,Hij is op een praktische manier bezig om concrete knelpunten weg te nemen'', zei hij.

Volgens de functionaris bleven de lokale autoriteiten in Atjeh aanvankelijk in gebreke bij het bergen van lijken en het opruimen van puin. De afgelopen maand was sprake van ,,lichte vooruitgang'', maar, mede door het optreden van Kuntoro, ,,verwacht ik in de tweede helft van 2005 echte vooruitgang te zien''.

Kuntoro zelf zei dat hij gisteren een brief heeft gestuurd aan de minister van Financiën met het dringende verzoek om de financiering van enkele urgente projecten mogelijk te maken. ,,Miljarden zijn toegezegd (door de regering). Ze zijn niet beschikbaar.''

Kuntoro noemde als voorbeeld de aanleg van een glasvezelkabel naar de hoofdstad Banda Atjeh, van belang voor (draadloos) telefoonverkeer. De betrokken telecombedrijven, waaronder Intel Corp., wachten al sinds februari op een vergunning. Kuntoro gaf hun die toestemming.

Naar schatting moeten 100.000 woningen worden gebouwd voor de ontheemden. Velen zijn ondergebracht in kazernes, maar volgens Kuntoro moeten ze daar zo snel mogelijk weg omdat daar geen banen zijn.