Waarom moet Nederland wapenhandel stimuleren?

In het hoofdartikel van 27 april wordt de houding van burgemeester Cohen met betrekking tot een conferentie over militaire training annex beurs gekapitteld. Er staat: ,,Militaire simulatie is een grote stap voorwaarts [...] Het spaart kosten en het milieu.'' Dat laatste zal zeker waar zijn en mag als winst worden gezien. Maar het laat onverlet dat de conferentie en de beurs gaan over verbetering van de techniek van oorlogvoering. En juist in het heden, waarin de oplossing van politieke problemen helaas weer wordt gezocht in militair optreden tot aan het voeren van een preventieve oorlog toe is het zeer de vraag of uitgerekend Nederland de wapenhandel dient te stimuleren.

Het hoofdartikel erkent weliswaar de kwalijke gevolgen van wapenhandel met betrekking tot de arme landen, maar vindt deze handel nodig voor defensie, ook onze defensie. ,,Een goed uitgerust leger voorkomt agressie en geweld'', aldus het commentaar. De praktijk leert ons anders. Het artikel vermeldt zelf al de mogelijkheid van een superieure tegenstander; moeten wij die dus overtreffen? De wapenwedloop is daarmee terug van weggeweest.