Virtuele video

Het moest er natuurlijk een keer van komen: een virtuele popgroep. Dat is een logische consequentie van de ontwikkeling die ons Idols en Starmaker bracht: prefab-artiesten die zijn gevormd naar het beeld van de almachtige producer.

Op zich niks nieuws natuurlijk: zo werden in de jaren zestig The Monkees al bij elkaar geraapt, met menig hitgroepje in hun kielzog. Maar een groep zonder vleselijke verschijningsvorm, dat was toch vrij nieuwswaardig toen Gorillaz vier jaar geleden een nominatie voor de prestigieuze Britse Mercury Prize in de wacht sleepten.

Gorillaz is het geesteskind van Blur-voorman Damon Albarn en de Amerikaanse hiphop-producer Dan The Automator. Maar de uiterlijke verschijningsvorm is die van vier kleurrijke stripfiguren, door animatiekunstenaar Jamie Hewlett vormgegeven met stijlmiddelen uit de Japanse manga-strips. Bij optredens, zeer zeldzaam overigens, stonden de muzikanten van vlees en bloed letterlijk achter de schermen te werken, terwijl de beeltenissen van de virtuele groepsleden 2D, Murdoc, Noodle en Russell werden geprojecteerd. De videoclips zijn uiteraard hun domein.

Zo ook in de clip bij de nieuwe single `Feel Good Inc.', waarin Albarn en The Automator vanzelfsprekend opnieuw niet te zien zijn. Wel overigens de gastrappers van De La Soul, wier zwart-wit beeltenissen, in een interessante omkering, op schermen worden geprojecteerd voor een getekende menigte.

De sfeer is donkerder dan je zou verwachten bij een groep met zo'n cartooneske achtergrond. De groep en de fans verzamelen zich in een overigens verlaten, vervallen fabriekshal. Onbetaalbaar zijn de trieste blikken waarmee zanger 2D door een beslagen raam naar buiten staart – ook tekenfilmfiguren hebben recht op een gebutst zieleleven.

Het stramien dat de groep zichzelf met zo'n virtuele verschijningsvorm schijnbaar oplegt, wordt in deze clip nog verder doorbroken. Want de sociaal-realistische taferelen uit die fabriekshal worden afgewisseld met beelden van een soort zwevende eilanden, die de oudere progrock-liefhebbers onder ons nog kennen van de fantasy-plaatjes waarmee Roger Dean in de jaren zeventig menige platenhoes opsierde.

Op die paradijselijke eilanden zien we bovendien windmolens van het slag dat Don Quichotte ooit bevocht. Hun aanwezigheid wordt gerechtvaardigd doordat ze even in het refrein opduiken. 2D zit intussen op het randje van zo'n eiland melancholiek te wezen met een akoestische gitaar, vermoedelijk overdenkend dat de zanglijn die Albarn hem in de mond heeft gelegd wel heel erg leunt op The Kinks.