Tjauw min in Paramaribo

Het aantal legale en illegale Chinezen in Suriname is de afgelopen jaren snel gestegen. In Paramaribo openen ze restaurants en winkels.

Weng Yushen is pas één jaar in Suriname, maar ze heeft nu al haar eigen afhaal-Chinees. ,,Wu Weian, Bar Restaurant, Geroosterde Vlees'' staat er met grote rode letters op het groene zinken dak van haar zaak in het centrum van Paramaribo.

Het loopt tegen lunchtijd, en Weng – van wie de naam om redenen van privacy is gefingeerd – moet behoorlijk aanpoten om in haar eentje alle klanten te bedienen. Van achter een traliehek schuift ze de klanten hun porties tjauw min en geroosterde eend in felroze plastic zakken toe. Als iemand om een pakje lucifers vraagt, verstaat ze hem eerst niet. Ze vraagt het nog eens, en schrijft het woord in een schriftje om het later uit haar hoofd te leren.

,,Ik kan alleen zeggen wat er op het menu staat, meer niet. Ik heb niet genoeg tijd om Surinaams te leren, want ik sta elke dag van 's ochtends elf tot 's avonds één in de zaak'', verontschuldigt Weng zich in het Chinees.

Ze heeft de zaak bij haar huwelijk van haar man gekregen. Hij woont al tien jaar in Suriname, maar hij liet zijn nieuwe bruid vorig jaar speciaal uit Zuid-China overkomen. Voor Weng was het huwelijk een mooie kans om voor zichzelf te beginnen. In China werkte ze als fabrieksmeisje, nu is ze haar eigen baas.

Weng is een van de vele Chinezen die zich de afgelopen jaren in Suriname heeft gevestigd. Waar het in 1997 nog om ruim zesduizend mensen ging, wordt hun aantal nu geschat op meer dan 30.000. Dat is een ware vloedgolf voor een land met maar 450.000 inwoners. De nieuwe Chinezen nemen niet alleen in Paramaribo steeds meer winkels en restaurants van hindoestaanse eigenaars over, je vindt ze ook in alle dorpen van enig formaat in het binnenland. Veel van hen zijn afkomstig uit Oost-Chinese provincies Fujian en Zhejiang, provincies die een traditie hebben van zowel legale en illegale migratie.

Bevalt het Weng een beetje in Suriname? ,,De lucht is hier heel schoon en er staan veel bomen'', zegt ze dapper, maar daarna geeft ze toe dat ze het toch wel erg mist om met haar vriendinnen in China door de stad te zwieren. ,,Daar is het veel ontwikkelder dan hier, er is veel meer te doen en er is van alles te koop. Ik had ook meer tijd. We gingen veel uit en lekker vaak winkelen'', zegt Weng, wier ogen voor de eerste keer tijdens het gesprek beginnen te fonkelen.

Vandaag is een bijzondere dag. ,,Ik ga vanmiddag om vijf uur mijn jongere broer en zus ophalen van het vliegveld. Ze komen voor familiebezoek'', zegt Weng, die er nog niet helemaal in durft te geloven. Ze weet hoe streng de marechaussee op Schiphol kan zijn, en ze vliegen met de KLM via Amsterdam naar Paramaribo.

,,Als je hier familie hebt, dan kost een visum voor Suriname je op de zwarte markt in China zo'n 20.000 yuan [ongeveer 1.870 euro], zonder familie betaal je er zo'n 50.000 yuan [ongeveer 4.675 euro] voor'', vertelt een Chinese kok openhartig.

Hij is nu drie jaar in Suriname, inmiddels helemaal legaal, maar het koksmaatje dat hem assisteert, is er pas een aantal maanden. Bij het zien van een nieuw gezicht trekt hij zich dieper achter de dampende woks in de keuken terug.

Toch hoeft ook het koksmaatje niet bang te zijn dat hij het land wordt uitgezet. De Surinaamse regering wijst nooit illegale Chinezen uit, want er is eenvoudigweg geen geld beschikbaar om een ticket naar huis voor ze te kopen. Veel Chinezen weten vroeg of laat via een advocaat een verblijfsvergunning en een werkvergunning te regelen, iets wat in Europa veel moeilijker, en daarom ook veel prijziger is.

Niet alleen zijn er steeds meer Chinese migranten in Suriname, ook de banden tussen de Chinese en de Surinaamse overheid zijn inniger geworden. China verleent een soort ontwikkelingshulp waartoe weinig westerse donoren bereid zouden zijn, vooral omdat Peking maar weinig directe voorwaarden stelt. Zo staat er in het centrum van Paramaribo een groot bord waarop de bouw van het nieuwe Surinaamse Ministerie van Buitenlandse Zaken wordt aangekondigd. China, dat het gebouw ook heeft ontworpen, fourneert vijf miljoen dollar voor de bouw ervan. Ook zie je overal door het land ploegjes Chinese wegwerkers die op gunstige voorwaarden de Surinaamse wegen asfalteren.

Maar de regering in Peking geeft nooit iets voor niets. China is hard bezig zijn invloedssfeer in Latijns-Amerika uit te breiden, want daar zijn nog veel nauwelijks ontgonnen voorraden energie en andere natuurlijke hulpbronnen aan te boren. Bijkomend voordeel is dat China zo meer te zeggen krijgt in een gebied dat de Verenigde Staten traditioneel als hun achtertuin beschouwen.

China is onder ander zeer geïnteresseerd in het hardhout uit het immense tropisch regenwoud van Suriname, iets waar vooral organisaties die zich bezig houden met de bescherming van inheemse volkeren en milieuorganisaties de nodige bedenkingen bij hebben. De projecten worden niet gepresenteerd als houtkap, dat ligt te gevoelig, maar als aanleg van palmolie-plantages die een duurzame manier zouden vormen om Suriname's welvaart te verhogen.

Niet alle Chinezen die op de recente migratiegolf naar Suriname zijn gekomen, zijn er ook even gelukkig. ,,Iedereen in onze geboortestreek zei: je moet naar het buitenland, daar is het leven beter'', vertelt een veertigjarige boer uit het Oost-Chinese Wenzhou, die met wat groente en vlees op de zondagsmarkt staat.

,,We hadden nog nooit van Suriname gehoord. Toen we hier aankwamen, bleek het niet alleen veel warmer, maar ook veel armer te zijn dan Wenzhou. Nu hebben we spijt, maar we hebben het geld niet om terug te gaan'', aldus de boer, die met mensensmokkelaars naar Suriname kwam.

Een paar dagen later bij de afhaal-Chinees van Weng staan ook haar jongere broer en zus in het restaurant. Ze zijn meteen al druk bezig in de zaak, als spreken ze nog geen woord Surinaams. Als alles een beetje vlotjes verloopt, dan hebben ze binnen een jaar hun verblijfsvergunning.