Shakespeare

Theo Lucius was woensdag de man van de match. Duizend keer beter dan Nesta en Seedorf bij elkaar. Terwijl Theo bij PSV toch een reservist is. Over weelde gesproken.

De uitschakeling in de halve finale van de Champions League is het beste wat de club uit Eindhoven kon overkomen. Opeens zijn de elf van Guus net mensen. Voortaan heeft niemand het nog over door kapitaal geplaatste strohalmen in de wei. Of over de de speeltjes van Meneer Frits, die al even braaf, gemoedelijk en houterig zijn als de honderdjarige lampenbaron. PSV is in de voetbalhistorie drama geworden en is dus nu van het volk. Getekend door het leed van alle onderdanen.

Rijkeluiszoontjes wenen niet na een nederlaag – zij scheuren in hun Porsche een nieuw feestje tegemoet. Gomes, Lucius, Alex, Van Bommel, Lee huilden tranen met tuiten. Ze stroomden leeg van verdriet. Daarmee is de inburgering van de enclave PSV voltooid: heel Nederland houdt nu van PSV. Misschien wel meer dan van Ajax en Feyenoord. Idem dito voor AZ dat al even schlemielig – in blessuretijd – onderuit ging.

De Champions League is weg, maar de sympathie is binnen. In één wedstrijd hebben Guus en de zijnen zich tot nationale tristesse verheven. PSV is eindelijk kroonjuweel, zij het met een zwart lintje. Respect is liefde geworden. Voor de landelijke, wellicht internationale emoties die PSV in negentig minuten heeft losgewoeld, hebben Ajax en Feyenoord op zijn minst twee seizoenen nodig. En dan nog zal het gejank in de Randstad de aangrijpende authenticiteit van Eindhoven missen.

PSV speelde tien keer Europeser dan AC Milan. Het was de omgekeerde wereld: de Milanisti kwamen uit een van de schraalste provincies in het Avondland. PSV sprankelde, was lijflustiger dan Prada en Gucci, beroerde bal en man als latin-lovers. Lee versus Maldini: de puist zonder heupen won het met verve van de hoogranke modezuil. En zo verging het het hele elftal van PSV. Cocu had geen kind aan Pirlo, Alex degradeerde Kaka tot een – zij het bij wijlen geniale – schim. Stam zag scheel van de gemiste intercepties en Seedorf sjokte als honderddertienjarige zichzelf en de bal keer op keer over de zijlijn.

Het dorp was stad geworden.

Het treurigste van PSV en van dit land is dat wij geen Gazzetta dello Sport hebben. Hier worden winst en verlies quasi notarieel genoteerd. Niets is wezenlijker dan de orde van de dag. De Balkenendekanker. In een Nederlandse Gazzetta zou de thriller maandenlang worden verliteratuurd. Shakespeare in Eindhoven, van huis tot huis zou hij gaan. Weduwen en wezen zouden zich verliezen in feministische strijdliederen. Tot ver over de Belgische grens zou de schervendroom van PSV-kinderen worden bijeengeharkt.

Na het laatste fluitsignaal is in Nederland alles over en uit. Vooral Johan Cruijff is bezeten door de verruïnering van epos en drama. Woensdagavond was hij weer scherp in zijn seculiere commentaar. ,,Als je door je adem zit, moet je wel gecontroleerd blijven ademen. Die controle was bij PSV niet aanwezig.'' Een normaal mens denkt: hoe controleer je passie, controleer je een stervensuur in ademnood? Daar gaat het Cruijff niet om, het gaat hem om algebra.

Weer die terreur van over en uit.

Ik moet nu aan Harry van Raaij denken. De ex-preses is min of meer als verdachte met emeritaat gegaan. De financiën deugden niet, de club was een rommeltje van overgangsfiguren, Guus was in het beste geval een avonturier met lef die meende Koreanen te kunnen europeaniseren. Harry werd nog net niet melaats verklaard door bovenbaas Jan Timmer.

Hij zit nog steeds op het ereterras, maar er is hem veel plezier ontnomen. En veel eer. Hij kan er wellicht tegen: er is meer verdriet in Harry's leven dan een fataal doelpunt in de laatste minuut. Maar toch, de finale van PSV in de Champions League zou ook de finale van Harry zijn geweest. Een bijna postuum eerbetoon. In het verleden hebben we elkaar weleens tot op het bot beledigd. Scherp vijandig zijn was ons lot, niet eens op persoonlijke titel. Ook daarom moet Shakespeare maar eens naar Eindhoven komen. Hij kan van Harry's leven een uniek drama maken. Zodat deze visionaire boekhouder straks niet alleen met respect wordt uitgewuifd, maar ook met liefde.

Dat verdient hij.