'Ooit willen we ook kunsthersenen'

Veel mensen denken dat biologisch determinisme de vrije wil uitsluit.

Een misverstand, zegt Daniel Dennett. Dankzij de evolutie hebben we juist meer controle over ons bestaan.

Een apologie, noemt Daniel Dennett zijn laatste boek, De evolutie van de vrije wil. De beroemde Amerikaanse filosoof probeert in zijn sterk op de natuurwetenschappen leunende werk steeds weer aan te tonen dat wij het product zijn van blinde Darwinistische selectie. In zijn boeken over het menselijke bewustzijn, waarvan Het bewustzijn verklaard het meeste stof deed opwaaien, benadrukt hij dat onze zuiver mechanische opbouw ons niet minder mens maakt, integendeel. Maar in discussies en debatten stootte hij steeds opnieuw zijn neus tegen dezelfde vooroordelen. 'Ik had het gevoel dat ik door de jaren heen telkens weer te maken kreeg met onuitgesproken angsten die weinig te maken hadden met de intellectuele onderwerpen die ter discussie stonden. Er was argwaan, men vermoedde dat ik er een geheime agenda op na hield. Als ik bijvoorbeeld debatteerde met een bioloog die bezwaren had tegen mijn theorie van het menselijke bewustzijn, dan zei hij opeens: en de vrije wil dan? Men is bang dat je het leven iedere zin ontneemt, wanneer je laat zien dat alles wat we zijn en denken het resultaat is van een zuiver materialistisch proces, dat biologisch gedetermineerd is. Naarmate de wetenschap meer leert over hoe we biologisch in elkaar zitten en hoe we ons ontwikkeld hebben, wordt diezelfde wetenschap meer en meer als een oprukkend imperialistisch monster beschouwd dat alles bedreigt wat we als heilig beschouwen. Men is bang voor het verlies van de vrije wil. Die angst speelt een oneigenlijke rol bij research en theorievorming. Mijn doel is die angst zichtbaar maken. En laten zien dat hij deels misplaatst is. Niet helemaal, maar wel grotendeels.'

Verzoener

Dennett is al jaren directeur van het Center for Cognitive Studies van Tufts University, Medford, even ten noorden van Boston; een instituut dat na lang zoeken op de universiteitscampus slechts uit twee kleine kamers blijkt te bestaan. Dennett zelf zetelt in een overvol kantoortje, met op de deur de bekende, vileine spreuk van Gore Vidal: To succeed is not enough. Others must fail. Als Dennett die verbetenheid bezit, dan weet hij die goed te verbergen: hij lijkt een en al opgewekte goedmoedigheid. Alles aan hem duidt op de denker die wil verzoenen. Hij wil de wetenschap verzoenen met de filosofie. Maar ook onze meest verheven overtuigingen over wat het betekent om mens te zijn met een wereldbeeld waarin geen plaats is voor metafysische mijmeringen. Hijzelf spreekt van een nieuw, groot avontuur voor de menselijke soort. Heeft hij begrip voor de angst voor dat zuiver wetenschappelijke mensbeeld dat hij en geestverwanten als Richard Dawkins en Steven Pinker propageren? Voor de meeste mensen sluit een volledig biologisch gedetermineerde wereld het idee van vrije wil uit.

'En dat is niet zo. Er is juist meer vrije wil dan er vroeger was. Dat heeft niets met natuurkunde te maken, want de wetten van de natuurkunde zijn niet veranderd. Het heeft met biologie te maken. Dankzij de evolutie zijn er allemaal nieuwe systemen ontstaan, in de eerste plaats de taal en de menselijke cultuur. Die hebben letterlijk nieuwe vormen van vrijheid geschapen. In de begintijd van het leven op aarde was er weinig vrijheid, je had robotachtige cellen die de keuze hadden tussen a of b, of konden sterven, en dat was het dan. Die keuzes werden door een mechanisch proces bepaald. Wijzelf bestaan geheel uit kleine robotjes die in veel opzichten net zijn als die cellen, net zo willoos en onvrij. Maar wanneer je die allemaal samenbrengt in een systeem en teamwerk laat verrichten, schep je een geest die in staat is na te denken over zijn toekomst, die zijn eigen kennis weet toe te passen op wat hij weet, dus kan reflecteren. Dat alles opent vergezichten die aan geen enkele andere diersoort zijn voorbehouden. Daarin ligt onze vrijheid, in ons vermogen die mogelijkheden onder ogen te zien en er vervolgens naar te handelen.'

Dus ook onze vrijheid is gedetermineerd? 'Absoluut. Vrije wil en determinisme bijten elkaar niet. Mensen zeggen: als mijn toekomst gedetermineerd is, dan is die toekomst onvermijdelijk. Houd die uitspraak tegen het licht en je ziet dat hij niets betekent. Wat is onvermijdelijk, wat betekent 'vermijden'? Je anticipeert op iets dat zou kunnen gebeuren. Juist in een gedetermineerde wereld kun je gemakkelijker dingen vermijden, omdat ze gemakkelijker te voorspellen zijn dan in een wereld waarin blind toeval regeert. Mijn positie verschilt niet van de positie die men al duizenden jaren inneemt. Vroeger ging het om God en de mens, nu om de natuur en de mens. Ik probeer slechts te laten zien hoe positief dat voor ons uitpakt. Wij zijn nu in staat veel meer dingen te vermijden dan onze voorouders. We kunnen allerlei ziektes genezen, dankzij de wetenschap en de technologie. Dat is het soort vrijheid dat we nastreven.'

Goocheltrucs

En toch hebben veel mensen het gevoel dat juist de wetenschap hun iets wezenlijks afneemt. 'In mijn boek citeer ik een auteur die onderzoek deed naar de magie van Indiase straatartiesten. Hem werd gevraagd of hij zich bezighield met echte magie of met gegoochel. Hij antwoordde: met goocheltrucs, want magie die je niet zelf kunt bedrijven, bestaat niet. Mensen beschouwen zichzelf als iets magisch. Wanneer je hun vertelt wat er achter de schermen gebeurt, hoe de trucs in elkaar zitten, voelen ze zich bedrogen of gekleineerd. Terwijl het juist andersom is: wanneer je beseft hoe de dingen werken, zijn ze des te wonderbaarlijker! Is het niet verbazingwekkend dat ons elegante, verbluffend veelzijdige systeem uit een verzameling goedkope trucs is opgebouwd? Daar wordt het niets minder van. Maar sommige mensen willen nu eenmaal niet dat goocheltrucs worden uitgelegd. Ze beschouwen dat als vandalisme, ze worden er onrustig van. Het heeft geen zin hen te overtuigen. Dat is net als met mensen die geen oor voor muziek hebben. Mij best, maar laten we dan wel vaststellen dat het hun persoonlijke keuze is om er zo tegenaan te kijken, en dat het niets te maken heeft met een meer verheven visie op ons bestaan.'

Maar het lijkt wel alsof steeds minder mensen zin hebben om zichzelf gereduceerd te zien tot biologisch gedetermineerde wezens. Tegen de verwachtingen in groeit wereldwijd de behoefte aan religie. 'Zeker. Ik leg net de laatste hand aan een boek over religie, dat Breaking the Spell gaat heten. De filosofen van de Verlichting dachten oprecht dat de godsdienst in het niets zou oplossen. Dat hebben ze verkeerd gezien. We beginnen nu in te zien dat ook religie onderdeel uitmaakt van het evolutionaire proces. Vóór de geïnstitutionaliseerde godsdienst bestond wat ik volkse religie noem, of stammenreligie. Het verschil tussen beide soorten is als het verschil tussen spreken en schrijven, volksmuziek en gecomponeerde muziek. Volkse religie had geen menselijke tussenpersonen en hoeders nodig, het kon volledig op zichzelf staan. In die volkse godsdiensten konden de memes (het culturele equivalent van genen, culturele fenomenen die in een maatschappij een eigen leven zijn gaan leiden en de voortgang van de menselijke evolutie hebben beïnvloed - bh) zich zonder bewuste bemoeienis door gemeenschappen verspreiden. Maar net zoals de wilde dieren gedomesticeerd werden, werden deze wilde memes ook getemd en bewust geherdefinieerd. Geïnstitutionaliseerde religie ontstaat wanneer mensen gaan nadenken over hun eigen godsdienstige gevoelens en zich geroepen voelen hun religie te behouden en te beschermen. Dan worden zij de bewakers van deze memes.

'Het zal sommige mensen verbazen dat ik een studie over religie heb geschreven, maar ik zie het als een logisch vervolg op vorige boeken als Consciousness Explained en Darwin's Dangerous Idea, waarin ik dierbare, gekoesterde noties over de mens in overeenstemming probeer te brengen met een wetenschappelijk wereldbeeld.'

Weerzin tegen Darwin

Maar ondervindt Dennett daarbij niet steeds meer tegenstand? 'Nou ja, hier hebben we de creationisten, die in het scheppingsverhaal geloven, en de zogenaamde intelligent design theorists, die denken dat er een Groot Plan aan het ontstaan van de mensheid ten grondslag ligt. Zij winnen vaak de propagandaslag voor het religieuze kamp, maar ik denk niet dat zij uiteindelijk zullen zegevieren. Maar er is nog een hoop werk te doen. Er bestaat nog altijd grote angst en weerzin tegen het darwinisme.'

Wordt die angst niet juist veroorzaakt doordat het darwinisme een gebrek aan zin inhoudt? Dennett zelf schrijft in zijn boek dat mensen niet vrezen dat het aanvaarden van Darwin onze vrijheid inperkt, maar ons juist te veel vrijheid geeft. Het is de ondraaglijke angst dat alles om het even is. 'Dat is de ironie van het geheel! De explosieve groei van de vrijheid, van de vermijdbaarheid, is te ver doorgeschoten. We zijn in staat onszelf te herscheppen. Dat boezemt angst in. Het evolutieproces is enorm versneld, want we hebben nu niet alleen domesticatie en veredeling van soorten tot onze beschikking, maar ook genetische manipulatie. We kunnen nu planten laten opgloeien in het donker omdat ze de genen van vuurvliegjes in zich dragen. Is dat nog natuurlijk? Jazeker, die planten maken deel uit van de natuur, ze zijn ontstaan omdat een andere natuurlijke soort, de Homo sapiens, in staat was ze te maken. En wie weet waar we straks toe in staat zullen zijn! Als we dat willen, tenminste.'

Dat lijkt me de vraag: willen we het? Straks kunnen we onze kinderen beter laten presteren op school door een chip in hun hoofd te implanteren. Dennett, opgewekt: 'Maar toch is het vreemd dat men zo bang is voor kunstmatigheid. Mensen hebben nu eenmaal de neiging om het zogenaamd natuurlijke op een bizarre en ongemotiveerde wijze te huldigen. Wat als onnatuurlijk beschouwd wordt, is ook meteen verdacht. Men denkt daar niet helder over. In de kunst wordt het kunstmatige als bijzonder beschouwd. Volgens mijn definitie van naturalisme is een wolkenkrabber even natuurlijk als een dam die door bevers is gebouwd. Men gaat wel in de rij staan voor een nieuwe heup en harttransplantaties. Ik ben ervan overtuigd dat mensen eens ook in de rij zullen gaan staan voor kunsthersenen. In principe is ieder deel van onze hersenen te vervangen door een ander materiaal dat hetzelfde werk verricht. Het is veel moeilijker te maken dan een kunsthart, maar dat is een kwestie van tijd.'

Doet hij er niet te luchtig over? Wat moeten we doen wanneer er een middel is om iemand verliefd op je te laten worden? 'O, ik onderschat de ethische problemen niet, maar dat is precies wat ze zijn, ethisch. Er is reden genoeg om al deze nieuwe ontwikkelingen met de grootst mogelijke omzichtigheid tegemoet te treden. Ze zijn zeker in staat zaken die ons dierbaar zijn op een fatale manier te ondermijnen. Maar je moet ethische argumenten niet met metafysische argumenten verwarren. We kunnen zeggen: al deze dingen zijn mogelijk, maar dit willen we wél en dit willen we niet. Maar we moeten wel duidelijk zijn in onze afwegingen. Nu zie ik overal tegenstrijdigheden. Iedereen is er bijvoorbeeld van overtuigd dat atleten geen anabole steroïden mogen gebruiken om hun prestaties te verbeteren, maar we laten ze wel op grote hoogten trainen en onderwerpen ze aan bizarre diëten om hetzelfde te bereiken. Die regels zijn min of meer historisch bepaald. Muzikanten die bètablokkers nemen om tijdens een auditie hun zenuwen in bedwang te houden, worden met rust gelaten en bij kunstenaars heeft het gebruik van alcohol en drugs juist vaak iets heroïsch. Het vaststellen van regels om met nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen om te gaan, is een politiek proces. We kunnen geen ethische waarheden ontdekken zoals we natuurkundige waarheden ontdekken.'

Biologische ethiek

Ligt daar niet het probleem? Doordat men er zich van bewust is dat het mensenwerk is, blijven die ethische spelregels altijd iets voorlopigs houden. Er zullen altijd mensen zijn die daar niet mee kunnen leven. 'Dat is zeker moeilijk. Darwin heeft definitief afgerekend met het religieuze concept van ethiek en ook wel met de Cartesiaanse ethiek, die het bestaan van een geest in de menselijke machine veronderstelt. Maar hij heeft wel het grondwerk verricht voor een meer rationele en redelijke ethiek. Daarin ging Hobbes hem al voor en in onze tijd heb je een filosoof als John Rawls met zijn Theory of Justice. Ik denk dat we in staat kunnen worden geacht een ethiek te ontwikkelen binnen een biologisch begrip van onze soort. Over de dingen waar we niet uit komen, moeten we open debatteren. Een gevolg van het evolutionaire proces is dat de mens kan reflecteren op zijn eigen waarden en die zo nodig kan aanpassen. Dat is de weg die we moeten inslaan.'

Dat klinkt wel erg optimistisch. Maar zou het niet een onmogelijke opgave kunnen zijn om onze diepste ethische overtuigingen vast te stellen door middel van een rationeel debat? 'Misschien, maar daar komen we pas achter als we het geprobeerd hebben. Eerlijk gezegd denk ik niet dat het zo verschrikkelijk moeilijk is. Soms denk ik dat het allemaal nogal banaal zal uitpakken. Als we dat proces doormaken, eindigen we misschien wel met dezelfde vermaningen die grootmoeder ons altijd voorhield. Je moet geen dingen doen die anderen schade berokkenen, pijn doen is slecht, je moet mensen niet kwetsen, enzovoort. Er zullen geen dingen uitkomen die in tegenspraak zijn met onze diepste instincten. Het enige gebied dat problematisch zal worden is de vaststelling wat onze plichten zijn. Dat baart ons veel angst en zorgen. We kunnen zovéél dingen doen om anderen te helpen, maar wát moeten we doen? Moeten we naar Peter Singer (filosoof en dierenactivist - bh) luisteren en alles weggeven en zelf alleen van het hoognodige leven? Is het immoreel van mij om deze kleren te dragen en de hele dag aan dit bureau te zitten, terwijl ik mensen in Afrika zou kunnen helpen? We weten niet hoe we onze intuïties over onze verplichtingen jegens andere mensen een plaats moeten geven. Het roept ook een andere vraag op: kun je te veel over een bepaald onderwerp weten? Je zou zeggen van niet. Maar hoe hoog leg je de lat voor mensen om mee te mogen praten? Wat moet je met moslims die zeggen: al die wetenschap en technologie, het is te veel, te veel en we gaan dat onze vrouwen en kinderen niet onderwijzen. Je kunt zulke mensen niet voor gek verklaren, je moet ze serieus nemen. Ik ben het niet met hen eens, maar dat is iets anders. De enige reden dat ik het niet met hen eens ben, is dat ik vind dat ze de lat te laag leggen. Maar dat wil niet zeggen dat er geen punt komt waarop ik hetzelfde zal zeggen. Er zijn genoeg dingen die ik niet wil weten.'

In een geglobaliseerde wereld is het bijna niet mogelijk om kennis op een afstand te houden. Is dat misschien de reden dat men zich steeds vaker vastklampt aan oude, ogenschijnlijke zekerheden? Omdat een wetenschappelijk wereldbeeld eenvoudig te complex is? 'Ik denk eerlijk gezegd dat wetenschap gemakkelijker wordt. Kijk naar middelbare scholieren, die kunnen tegen de tijd dat ze eerstejaars student zijn een heel levendig en accuraat beeld hebben van hoe de hersenen werken, terwijl de geniale mannen bij wie ik studeerde daar nog ontzettend veel moeite mee hadden. De computer heeft ons een geheel nieuwe conceptuele gereedschapskist geleverd en onze kinderen groeien daarmee op. Je kunt hun gemakkelijk dingen uitleggen die vijftig jaar geleden nog niemand begreep.'

Robotics

Maar computers roepen ook het spookbeeld van de kunstmatige intelligentie op. Dennett is zelf betrokken geweest bij verschillende projecten die het menselijk bewustzijn in een machine probeerden onder te brengen. 'Een paar jaar geleden nam ik deel aan een conferentie over cognitive robotics in Engeland. Tot mijn verbazing werd die conferentie gesponsord door British Telecom. Waarom? Omdat het bedrijf een fantastisch gecompliceerd netwerk heeft aangelegd dat het zelf niet meer begrijpt. Niemand, geen individu en geen team van specialisten! Men wilde onderzoeken of het mogelijk was een robot te ontwikkelen die menselijk genoeg zou zijn om met ons te communiceren en tegelijk computer genoeg om het netwerk te kunnen begrijpen. Dat ze dat onderwerp belangrijk genoeg vonden om een paar dagen lang over te praten, geeft aan dat men zich ongemakkelijk voelt over de mate waarin men zijn eigen uitvindingen nog kan beheersen. Ze zitten als het ware op een olifant en hebben geen idee waar hij naartoe gaat. Ze kunnen alleen maar hopen dat hij niet in een ravijn stapt. Die zorg is realistischer dan de angst voor de robot als monster.'

Voor het eerst tijdens ons gesprek klinkt Dennett echt bezorgd. Dat is nogal onverwacht, omdat hij er zijn specialiteit van gemaakt lijkt te hebben onterechte angsten voor nieuwe technologie weg te nemen. 'We moeten ons ook zorgen maken over onze groeiende afhankelijkheid van het internet. We hebben iets geschapen dat we niet langer kunnen begrijpen en beheersen. We doen ons best het aan de gang te houden, we leveren de stroom, als een soort slaven. Ik denk dat de voordelen nog altijd opwegen tegen de negatieve effecten. Maar de decentralisatie van de systemen die heeft plaatsgevonden, baart me zorgen. Niet alleen de virussen en de spam die de boel plat kunnen leggen, maar ook een verstoring van ons idee van wat echt en onecht is. Waar haal je je nieuws vandaan? Van blogs? Van kranten, van netwerken? Het verschil tussen betrouwbaar en onbetrouwbaar nieuws wordt steeds vager. Censuur is er niet, maar er is wel een vloedgolf van verkeerde informatie. Neem mijn boek over religie. Niemand zal erover piekeren dat te gaan censureren. Maar mensen die het niet met mij eens zijn, hebben veel betere manieren om mij te bestrijden, ze kunnen een vloedgolf van geruchten en foutieve informatie razendsnel de wereld rond laten gaan en mij en het boek verdacht maken. Daar valt weinig tegen te doen. Zoiets vind ik werkelijk bedreigend.' M

Daniel C. Dennett: De evolutie van de vrije wil.

Uitgeverij Contact. Prijs: O 29,90

Bas Heijne is redacteur van NRC Handelsblad.

Kael Alford is fotograaf in New York.

[streamers]

'We kunnen nu planten laten opgloeien. Is dat natuurlijk?'

'Censuur is er niet, maar wel een vloedgolf van foute informatie.'