Net-niet-syndroom?

PSV (Champions League) en AZ (UEFA Cup) werden deze week op het nippertje uitgeschakeld in de halve finales. De geboorte van een `net-niet-syndroom'?

Willy van de Kerkhof, oud-international, won met PSV de UEFA Cup (1978): ,,Om het een syndroom te noemen gaat mij te ver, maar de Nederlandse ploegen moeten wel alerter blijven in de slotfase om een tegendoelpunt te voorkomen. Proberen in balbezit te blijven en geen kansen weggeven. Bij AZ (tegendoelpunt vlak voor einde verlenging, red.) ging het fout door stom balverlies. In Milaan (2-0 verlies door doelpunten vlak voor rust en vlak voor einde duel, red.) ging het net als deze week om een dekkingsfout. Zuid-Europese ploegen loeren op een kansje. Ik begrijp dat PSV (in de return bij 2-0 voorsprong, red.) een beslissing wilde forceren, want ze zaten lekker in de wedstrijd. Maar als het niet lukt, kun je in de slotminuten beter proberen een verlenging te halen. Dan had PSV gewonnen.''

Herman Kuiphof, oud-televisiecommentator, bekend van de uitspraak `Zijn we er toch nog ingetuind' na de winnende goal van West-Duitsland in de WK-finale van 1974: ,,Ik heb wel even aan 1974 gedacht. Ik geloof overigens niet dat we toen beter waren dan de Duitsers. Ik geloof ook niet in een syndroom als het gaat om de uitschakeling van AZ en PSV. Het zijn gevallen apart. Wat betreft mentaliteit hebben deze Nederlandse ploegen het dit jaar in Europa gewoon goed gedaan, ook eerder in het toernooi. PSV was qua zelfverzekerdheid eigenlijk een beetje de mindere van AC Milan. De Italianen zijn ook uitgekookter. Bij AZ zat het verschil in de aanvalslinies. De Portugezen (van tegenstander Sporting, red.) hadden levensgevaarlijke aanvallers terwijl de voorhoede van AZ de bal moeilijk kon vasthouden. Maar AZ is vanuit het niets tot de beste vier van Europa doorgedrongen. Dat is pure winst!''

Marc Lammers, hockeybondscoach, verloor met Nederlands vrouwenteam in finale op WK (2002) en Spelen (2004): ,, Wij (Nederlands vrouwenteam, red.) waren veel beter in de finale van de Spelen, maar verliezen toch van Duitsland. Dan voel je je machteloos. Ik heb ook zitten balen donderdagavond (uitschakeling AZ, red.), maar als je ziet hoe die Portugees vlak voor het einde die bal kon inkoppen. Hij had nooit vrij mogen staan. Dat zowel PSV als AZ is uitgeschakeld, is gewoon toeval. Het ligt niet aan de mentaliteit van de Nederlandse ploegen. Misschien moet je in de eindfase wel iets harder en gemener worden: de duels feller en meer met een `over-mijn-lijk-mentaliteit' ingaan. Wij willen vaak te mooi en te lief eindigen. In Zuid-Europa is dat anders. Ik heb als bondscoach in Spanje gewerkt. Daar zijn ze spijkerhard in de slotfase.''

Dennis van der Geest, judoka: ,,De uitschakeling van AZ en PSV kun je niet met elkaar vergelijken. PSV heeft het vorige week (heenwedstrijd tegen Milan, red.) eigenlijk al laten liggen. Voor AZ is het heel sneu. Het is toeval dat ze allebei zijn uitgeschakeld. Op het hoogste niveau zijn de verschillen nu eenmaal klein in de topsport, ook bij judo. Je kunt vier jaar hard trainen voor de Spelen, maar het is klaar als je na één verkeerde stap of een onoplettendheid onderuit wordt geveegd. Ik houd wel van dat fatalistische, maar ik heb ook judoka's gezien die last hebben van de druk in de laatste halve minuut van een partij (van vijf minuten, red.). Als het een aantal keer fout gaat aan het eind, ga je wel verbanden zien.''

Mark Tuitert, Europees allround schaatskampioen 2004, tweemaal tweede WK afstanden (1.500 meter): ,,Heel sneu voor AZ en PSV, want in het voetbal heb je geen podiumplaatsen. Om de uitschakeling op het laatste moment naïef en typisch Nederlands te noemen, vind ik onzin. AZ en PSV hebben keihard geknokt. Het is overdreven hier een lijn in te zoeken en het een syndroom te noemen. Bij topvoetbal zit alles zo dicht bij elkaar, zeker als je dicht bij een finale komt. Bij schaatsen gaat het op het hoogste niveau ook om kleine verschillen, soms om honderdsten van seconden. Wat betreft de wil om te winnen en de benadering van de slotfase van een rit, zie ik geen verschillen tussen Nederland en andere landen. Ook Nederlandse schaatsers hebben, net als de Amerikanen, de wilskracht om te winnen als ze op een hoog niveau zijn gekomen. Anders zijn alle opofferingen voor niets geweest.''