De Jong hield brieven achter

In de nalatenschap van de onlangs overleden historicus Loe de Jong zijn brieven aangetroffen die betrekking hebben op zijn tweelingbroer Sally, diens vrouw Lies en hun kinderen Abel en Daan. Het was voor het eerst dat De Jongs neven de brieven onder ogen kregen.

Abel de Jong (64): ,,De eerste vraag die bij je opkomt is: waarom nu pas? Waarom heeft hij ons die spullen niet gegeven toen wij groot genoeg waren om het aan te kunnen?'' Daan (62): ,,Je kunt je er boos om maken, maar wat moet je met postume boosheid?''

Ook zijn een agendaatje van Sally uit 1941 gevonden en verklaringen van de Joodsche Raad voor Amsterdam met de mededeling dat Sally `onmisbaar is voor de medische verzorging van de Joodsche bevolking van Amsterdam' en zijn vrouw `onmisbaar voor het onderwijs aan Joodsche leerlingen'.

Nadat Sally en Lies in 1943 een onderduikadres voor hun kinderen hadden gevonden in Leiderdorp, vluchtten ze naar Zwitserland, waar een grenspatrouille hun echter de doorgang belette. Een tweede vluchtpoging, vanuit Brussel via Zuid-Frankrijk naar Spanje, mislukte wegens verraad.

De laatste, ook gevonden, brieven van Sally en Lies dateren van 1 november 1943 en zijn geschreven aan een vriendin in Nederland. Zij bevonden zich toen in het kamp Mérignac, bij Bordeaux. ,,Ondanks alle moeilijkheden zijn we in goede gezondheid. Ook moraal en esprit zijn zoals het hoort: we hebben weliswaar enkele teleurstellingen gehad, maar alles bij elkaar genomen zijn we erg tevreden over waar we nu zijn'', schreef Sally de Jong in verhullend taalgebruik wegens de censuur. Lies schreef: ,,We hebben een paar goede vrienden in Bordeaux die voor eten en kleren zorgen. We hopen zeer dat we hier kunnen blijven!''

Van Mérignac werden ze echter naar Drancy vervoerd, het Franse Westerbork, en op transport gesteld naar Auschwitz waar Lies werd vergast. In het voorjaar van 1945 werd Sally voor het laatst gezien in een Aussenkommando van het concentratiekamp Dora.

NEVEN pagina 33