Almond leeft nog

Lééft die dan nog? zal de reactie van menigeen zijn geweest, toen Marc Almond afgelopen jaar onprettig in het nieuws kwam wegens een ernstig motorongeluk. Nou, het scheelde niet veel, maar de Britse zanger is weer aardig herstellende en maakte enkele weken geleden een voorzichtige come- back met een gastoptreden bij de zwaar door hem beïnvloede Antony And The Johnsons. Van voor zijn ongelukkige tuimelpartij dateert deze prachtige concerregistratie uit het Londense Almeida Theatre, waar hij afgelopen zomer een week lang resideerde.

Wie was Marc Almond ook weer? Na het korte, heftige succes met synthipopgroep Soft Cell begon hij een kleurrijke en productieve solocarrière, die in zakelijk opzicht heel wat minder vruchtbaar was. Vandaar dat hij de laatste tien jaar niet al te zichtbaar bezig was: hij maakte nog een handjevol heel aardige platen, maar die genoten geen grootschalige verspreiding. Hij stak zijn tijd verder in twee geweldige, messcherp vertelde autobiografische boeken: in Tainted Life vertelt hij haarfijn wat er precies mis was met zijn platen en aan welke respectievelijke drugs dat lag en in In Search Of The Pleasure Palace bezweert hij zijn midlife-crisis en vertelt hij goudeerlijk over zijn facelift.

Die is heel aardig geslaagd, blijkt uit de close-up-beelden van deze dvd. Voor de intieme setting van dat Almeida Theatre stelde Almond een speciale, lange show samen met véél covers. Nu was zijn fijne neus voor andermans werk altijd al een handelsmerk, al is het voor de hardcore-fan toch jammer dat hij niet meer van zijn eigen prachtliedjes op de setlist heeft gezet. Niettemin misstaan bekende krakers als `Caroline Says' (Lou Reed) en `Amsterdam' (van Almonds idool Jacques Brel) niet naast obscuurder werk als `Hustler's Tango' of het meer naar rokerige jazzsferen neigende repertoire van de tweede set.

De eerste helft van de eerste set wordt gedomineerd door een forse uitsnede uit `Heart On Snow', Almonds Russische project. Dat hij in zulk uiteenlopend repertoire zijn weg weet te vinden, is te danken aan zijn bijzondere talent om de diepte en de essentie te halen uit zulk exotisch materiaal, bijna op dezelfde manier als waarop hij de glamour uit het leven aan de zelfkant, in de goot en in de foutste nachtkroegen kan peuren. Zodoende zingt hij zelfs het aloude, banale `Strangers In The Night' naar de eeuwigheid, aan het eind van een waarlijk indrukwekkend concert. De begeleiding is in goede handen van een flexibel combo, en de boel is prachtig verfilmd in warme bruintinten die Almonds Dior-pakken mooi doen uitkomen. Gelukkig laat hij zijn overdreven verzameling tatouages deze keer bedekt, op een draakachtig wezen na dat uit zijn boord lijkt te klimmen.

Marc Almond:

Sin Songs, Torch And Romance

(Demon Vision,

distr. Lowlands)*****