`Hof grote winnaar in de Grondwet'

In de Europese Grondwet wordt de positie van het Europese Hof van Justitie sterker. Maar `Luxemburg' dreigt om te komen in het werk; dat gaat ten koste van de burger in Europa.

De Utrechtse hoogleraar Europees recht B. Hessel ergert zich over het debat over de Europese Grondwet. ,,Door de tegenstanders wordt de indruk gewekt dat Nederland in de uitverkoop gaat terwijl we 85 procent van die Grondwet allang hebben.''

De Rotterdamse hoogleraar staatsrecht R. de Langen vindt daarentegen: ,,De stelling dat er juridisch weinig verandert indien deze Grondwet ooit in werking treedt, lijkt moeilijk vol te houden.'' De Langen illustreert deze stelling met een tot dusverre onopgemerkte kandidaat: het Europese Hof van Justitie te Luxemburg. De positie van het Hof van de Europese Unie zal volgens De Langen ,,zeer worden versterkt''.

De Rotterdamse hoogleraar noemt het Hof van Justitie zelfs ,,de grote winnaar van de Grondwetsonderhandelingen''. Dat heeft verschillende redenen. De Grondwet breidt de bevoegdheden van het Hof uit. Er komt meer ruimte voor gespecialiseerde gerechten onder het Hof. Het reeds bestaande Gerecht van eerste aanleg, dat onder het Europese Hof is geplaatst, gaat bepaalde taken van het Hof overnemen op het gebied van de vragen die nationale rechters aan Luxemburg voorleggen. Dat zijn allemaal praktische uitbreidingen van het bereik van de Europese rechter.

De belangrijkste reden dat het Hof voor De Langen als winnaar uit de bus komt is dat ,,het constitutioneel verdrag (zoals de eigenlijke naam van de Europese Grondwet luidt), simpelweg zo omvangrijk is dat eigenlijk teveel onderwerpen een constitutionele rang hebben gekregen.'' Zie het dikke deel drie over onderwerpen die variëren van civiele bescherming tot asielbeleid, van transeuropese netwerken tot het monetair beleid. Een constitutionele rang, een plaats in de Grondwet, maakt een onderwerp tot een aangelegenheid van de EU. De Langen: ,,Het kan niet waar zijn dat al die dingen even belangrijk zijn. Dat zijn ze ook niet. Maar het is moeilijk in te zien hoe de lidstaten of de Europese instellingen daar een ordening in kunnen aanbrengen''.

De procedure tot wijziging van het constitutioneel verdrag vereist in elk geval unanimiteit. Dus langs die weg zal een nadere ordening allicht niet makkelijk vallen. Daardoor ligt het voor de hand aan te nemen dat het Hof gevraagd zal worden de nodige opheldering te verschaffen over het soortelijk gewicht van de diverse onderwerpen in de Grondwet – en van de verschillende bevoegdheden die daarmee samenhangen. Het Hof heeft in de hele geschiedenis van de Europese gemeenschappen trouwens al de rol van aanjager vervuld en consequent voorrang gegeven aan, zoals dat heet, de ,,Europese logica''.

Echte voorspellingen over het Hof blijven echter altijd lastig, zegt De Langen. Dat is volgens hem ook een reden dat de positie van het Hof in de discussies over de Grondwet onderbelicht is gebleven. Het Hof heeft ook een praktische handicap. Het kan niet zoals het Amerikaanse federale hooggerechtshof zelf selecteren welke zaken het behandelt. Luxemburg dreigt dan ook om te komen in het werk, vooral gezien de enorme vertaalslagen die de procedures meebrengen.

Dat leidt in de praktijk met name tot het afknijpen van de beroepsmogelijkheden voor particulieren. Deze kunnen alleen door tussenkomst van de nationale rechter in Luxemburg terecht komen. Dit komt er veelal op neer dat de burger niet kan opkomen tegen besluit van de EU anders dan door het te overtreden. ,,Een lacune'', vond de Nederlandse regering in november 2003.

Weliswaar heeft iemand die ,,individueel geraakt'' wordt door Europa een aanspraak om zelf een klacht in te dienen in Luxemburg. Maar de uitleg van deze bepaling – die in de nieuwe Grondwet is overgenomen – is zo verschillend van geval tot geval, dat er moeilijk een peil op te trekken valt. Drie jaar geleden zette het Gerecht van eerste aanleg de deur voor particulieren wat verder open, maar het Hof in Luxemburg corrigeerde dat direct.