Hitlers oogappel

Der Spiegel brengt een opmerkelijk portret van nazi-minister Albert Speer, de architect van het Derde Rijk.

Erna Flegel koesterde haar leven lang bewondering voor Hitler: hij was gezaghebbend, beleefd en charmant. Ze werkte in de laatste oorlogsweken als verpleegster in de nazi-bunker onder Berlijn. Daar raakte ze bevriend met de `briljante' Magda Goebbels, echtgenote van de propagandaminister, en zong ze 's avonds de zes kinderen Goebbels in slaap. Flegel vond het verschrikkelijk dat het echtpaar alle kinderen met gif liet inspuiten alvorens zichzelf te doden. Maar regelrechte antipathie ontwikkelde ze alleen voor Eva Braun, de `kleurloze Hitler-groupie' met wie de Führer zo nodig op het laatst moest trouwen: ,,De dood van Hitlers hond Blondi raakte ons meer dan Brauns zelfmoord.''

De 93-jarige verpleegster werd opgespoord door de Berliner Zeitung en kwam deze week uitvoerig aan het woord in de Engelse krant The Guardian. Ze prijst de film Der Untergang en acht daarin de gebeurtenissen in de Berlijnse bunker `op een paar details na' adequaat verteld. Ze herkende zelfs zichzelf als verpleegster. Een opmerkelijke vondst, de vrouw die de geallieerden van Hitlers dood vertelde, maar het artikel bevat geen informatie die een kopstuk van het Derde Rijk in een ander daglicht stelt. Dat geldt wel voor het portret van nazi-minister Albert Speer in de jongste Der Spiegel.

Hitlers architect en beoogd opvolger Speer, die zich na zijn vrijlating in 1966 graag als `goede nazi' afficheerde, werd van lieverlede door historici medeplichtig aan de holocaust gesteld. Was tijdens het proces in Neurenberg bekend wat we nu over Speer weten, stelt Der Spiegel, dan was hij door de geallieerde rechters zonder twijfel ter dood veroordeeld. De `manager van het kwaad' ontkende in tal van interviews en in zijn populaire memoires van de massamoord op joden te hebben geweten. Dat wordt door de feiten die sinds zijn dood in 1981 boven tafel kwamen gelogenstraft.

Speer ontwierp in nauwe samenwerking met Hitler al vroeg in de oorlog een drastische vernieuwing van de Berlijnse noord-zuid-as. Voor de bouw van wat de wereldhoofdstad `Germania' moest worden, werden eerst de betrokken huizenblokken `jodenvrij' gemaakt en de bewoners naar concentratiekampen vervoerd. Vervolgens leverde een aantal van de kampen dwangarbeiders voor de vervaardiging van de benodigde bouwmaterialen. In 1942 moet Speer hebben geweten, wordt in Der Spiegel aannemelijk gemaakt, van de bouw van gaskamers in Auschwitz. Maar Hitlers oogappel behoorde aan het eind van de oorlog tot de nazi's die, tegen het bevel van de Führer in, de wanhoopsoorlog niet tot iedere prijs wilden voortzetten.

Een reconstructie van het leven van deze `gewetenloze intellectueel' is de komende weken te zien in een driedelige dramaserie en een documentaire van de ARD. Speer und Er doet in prime time verslag van de manier waarop de bouwmeester van het Derde Rijk ook na de oorlog het Duitse volk misleidde. Al vertegenwoordigden ze twee uitersten in de nazi-hiërarchie, Speer zowel als Flegel behoorde in de week voor Hitlers dood tot het selecte gezelschap in de Berlijnse bunker. En beiden, blijkt uit hun getuigenissen, hadden de oorlog niet graag willen missen.

Der Spiegel, weekblad, €3,50