Skeletten Maastricht van Staatse soldaten

De skeletten die vorig jaar werden gevonden bij een villa in Maastricht, zijn ongeveer vierhonderd jaar oud. Het betreft waarschijnlijk negen soldaten van het zogenoemde Staatse leger van de Hollanders, dat de stad meermaals heeft aangevallen.

Zo hebben zowel prins Maurits als zijn broer Frederik Hendrik (`de Stedendwinger') Maastricht aangevallen. De soldaten zijn tijdens een van de belegeringen in 1592, 1594 of 1632 gestorven en begraven, zo heeft de gemeente Maastricht vandaag bekend gemaakt.

De vondst werd op 4 mei vorig jaar gedaan door een tuinman die bezig was een oprit aan te leggen bij een villa uit de jaren zestig in de wijk Biesland, in het zuidwesten van de stad. Uit onderzoek van de gemeentelijke archeologische dienst en de Universiteit Leiden blijkt dat het gaat om ,,minimaal negen individuelen, waarvan minimaal acht mannen'', aldus de gemeente. De mannen moeten bij hun overlijden tussen de 21 en 52 jaar oud zijn geweest.

Het onderzoek werd volgens gemeentelijk archeoloog Eric Wetzels bemoeilijkt doordat er in de onmiddellijke omgeving van de skeletten geen resten van kleding, kisten of bijgiften zijn aangetroffen. Wel zijn twee munten gevonden, Hollandse `oorden' die in 1575 en 1578 zijn geslagen.

Vooral op basis van deze vondst concluderen de onderzoekers dat het waarschijnlijk gaat om soldaten van het Staatse leger. ,,Het waren aanvallers van de stad Maastricht, dat destijds door z'n strategische ligging aan de rivier een speelbal van verschillende machten was'', aldus archeoloog Wetzels.

Het gaat volgens de onderzoekers om een klein grafveld. De mannen zijn in afzonderlijke grafkuilen begraven, naast elkaar, met het gezicht naar het zuidoosten. ,,Er is géén sprake van een massagraf'', aldus de gemeente Maastricht.

Er zijn geen botveranderingen waargenomen die wijzen op een gewelddadige dood. Archeoloog Wetzels sluit niet dat de mannen een natuurlijke dood zijn gestorven en daarna ontkleed zijn begraven door het Staatse leger. ,,De uitrusting kan te kostbaar zijn geweest om mee te begraven.'' Wel tonen de sketten sporen van ziekteverschijnselen zoals open rug, osteoporose, artrose, wervelkolomaandoeningen, ontstekingen en geheelde fracturen. De skeletten hadden op één na ,,redelijk gave tanden''.

De datering van de skeletten is afgeleid uit zogenoemd C-14 onderzoek, waarmee de halfwaardetijd van radioactieve koolstof kan worden gemeten. De skeletten dateren volgens dit onderzoek uit de periode van 1565 tot 1630. De skeletten worden binnenkort overgebracht van de Leidse Universiteit naar het depot van de archeologische dienst van de gemeente Maastricht, waar ze zullen worden ,,opgeslagen en beheerd''.

Kort na de vondst in 2004 werd de politie bij het onderzoek betrokken, omdat een recent misdrijf aanvankelijk niet werd uitgesloten.