`Het is eigenlijk een variatie op mijn geliefde Pinocchio'

Tegen alle verwachtingen in ging de Libris Literatuur Prijs 2005 naar ,,het kleinste boek van de kleinste uitgeverij'': Specht en zoon van Willem Jan Otten. Velen dachten dat Marja Brouwers zou winnen met haar veelbesproken roman Casino.

Het was de opvallendste felicitatie van de avond. Om kwart over elf, bijna een uur nadat Willem Jan Otten de twaalfde Libris Literatuurprijs had gekregen voor zijn novelle Specht en zoon, kwam zijn grootste concurrent Marja Brouwers op hem af. ,,Ik voel me heel erg opgelucht dat ik deze kelk aan jou kan overdragen,'' zei de schrijfster van Casino, die vooraf door bijna iedereen als winnares was gedoodverfd. ,,De goden hebben zich ermee bemoeid; jij hebt een blijde boodschap, en ik niet.''

Vlak na de voorlezing van het juryrapport had Brouwers Specht en zoon al geloofd als ,,het enige boek waarvan ik 's morgens met vragen wakker werd – en ik heb alle nominaties gelezen. Als er iemand was, behalve ikzelf, die de prijs moest krijgen, dan was het Willem Jan Otten.'' Concertgebouwdirecteur Martijn Sanders, die als voorzitter van de jury de cheque van 50.000 euro aan Otten overhandigde, ging nog verder in zijn lof. Hij noemde Specht en zoon ,,een intellectuele exercitie die de lezer naar adem doet happen'' en ,,ook nog eens een roman die licht en sprankelend is.'' Sanders memoreerde bovendien een interessant detail. ,,In het verhaal verbrandt de hoofdpersoon een cheque van 50 duizend euro. Wij raden de auteur aan om iets anders te doen met deze cheque.''

In zijn dankwoord zei de katholieke Otten dat Specht en zoon een boek is ,,over ergens in geloven''; waaraan hij woordspeels toevoegde dat de belangrijkste vraag voor hem was ,,of de lezers het zouden pikken''. De filosofische roman over vaderschap, die doorspekt is met katholieke symboliek, wordt namelijk verteld door het doek waarop uiteindelijk een piëta, een moderne Bewening, zal worden geschilderd. Maar de 53-jarige schrijver wilde Specht en zoon geen moeilijk boek noemen: ,,Het is eigenlijk een variatie op mijn geliefde Pinocchio – dat gaat ook over een oude man die zijn zoon tot leven wil wekken.''

Otten, die tot aan het verschijnen van Specht en zoon tien jaar lang geen romans had geschreven, zei dat hij het al een gewaagde keuze vond dat de jury zijn roman op de shortlist zette. ,,Het was het kleinste boek van de zes; en nu gaat de prijs ook nog naar de kleinste uitgeverij.'' Volgens zijn uitgever, Wouter van Oorschot, was dat ,,verdiend''. Maar hij vond dat hij hoe dan ook niets te klagen had: ,,Dit is onze derde Librisprijs in tien jaar, na de bekroningen van Frida Vogels' Harde kern en Voskuils Plankton.''

Voorafgaand aan het jaarlijkse Librisdiner, de plechtige hoogmis van het Hollandse literaire leven, werden Marja Brouwers de beste kansen toegedicht. Hoewel haar cultuurkritische roman over de jaren negentig Casino vorig jaar gemengd ontvangen was, kwam ze in recente krantenstukken over de Librisnominaties als beste keuze uit de bus. Maar wie als paus het conclaaf binnengaat, komt er als kardinaal weer uit. ,,Ik oefen vast op het gezicht dat ik ga zetten als ik hoor dat het Willem Jan Otten wordt'', had Brouwers profetisch gezegd bij het binnengaan van de Spiegelzaal van het Amstel Hotel. Om kwart voor elf voegde ze daaraan toe: ,,Ik ben blij dat ik mijn vrijheid terugheb.''

De winst voor de ene Otten betekende verlies voor de andere Otten, Christine, die volgens de Libris-watchers ook hoge ogen had gegooid met haar documentaire roman De laatste dichters. ,,Willem Jan en ik zijn geen familie van elkaar'', zei ze kort na het voorlezen van het juryrapport. ,,Maar voor de grap hadden we wel gezegd dat we het prijzengeld zouden delen als een van ons won. Ik ga hem straks even mijn gironummer doorgeven.'' De vrouwelijke Otten onderstreepte dat ze niet teleurgesteld was: ,,Als ik ontevreden zou zijn met alleen de nominatie, was ik een kniesoor. En nu kan ik rustig verder met mijn volgende roman.''

De uitkomst van de twaalfde Libriscompetitie was het verrassende einde van een avond die onspectaculair was gecaterd (carpaccio, zeevis, kipfilet) en rustig was verlopen. Vorig jaar lag de naam van de winnaar, Arthur Japin, al om kwart over acht op straat doordat de TROS-radio de internetsite van de Librisprijs gekraakt had. Om een herhaling van dit schitterende gebrek te voorkomen, had de Libris-organisatie internetjournalist, Francisco van Jole, uitgenodigd voor een tafelrede. Hij stelde niet alleen dat elektronische boeken geen toekomst hebben (,,niemand leest ze''), maar ook dat het nog tientallen jaren zal duren voordat zich uit weblogs en andere lectuur op internet een nieuwe kunstvorm zal ontwikkelen. Het was een blijde boodschap, die de aanwezige uitgevers, boekhandelaren, recensenten en schrijvers (behalve Japin ook de eerdere prijswinnaars Benali, Lieske, Anker en Palmen) als manna indronken.

WWW.NRC.NLInterview met Willem Jan Otten en recensie Specht en zoon