Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Politie, recht en criminaliteit

De cultstatus van een Hongaarse bankrover

Johnny Depp koopt de filmrechten van het levensverhaal van een Hongaarse drinkende schurk, schrijft Jaap Scholten. Over een hardwerkende bankrover die bloemen aan de baliemedewerksters gaf

Het is een prachtige dag. Wij rijden door de heuvels bij Budars, de nieuwbakken buitenwijk van Boedapest. Ineens staan er midden op de weg politiemannen met kogelvrije vesten en machinegeweren. We worden de berm in gesommeerd. We moeten uitstappen, de hele auto wordt doorzocht.

Die ochtend is de `Viszkis Rablo' – de `Whiskey Rover' – met aan elkaar geknoopte lakens en schoenveters uit de Gyorskocsi gevangenis in Boedapest geklommen. Hij is de moderne Hongaarse Robin Hood, de bankrover voor wie de medegevangenen in de rij stonden voor een handtekening.

Die dag, 10 juli 1999, wordt in Hongarije een mensenjacht zonder weerga geopend. De snelwegen naar Wenen en Szeged worden afgesloten. Iedereen die de whiskeyrover ook maar vaag kent, 214 mensen in totaal, wordt onmiddellijk afgeluisterd.

Terwijl ongeveer iedere politieman in Hongarije naar de Whiskey Rover zoekt, geven de opiniepeilingen aan dat 80 tot 90 procent van de Hongaren vóór de bankrover is. Actrice Zsuzsa Csala werpt zich op als adoptie-ouder voor Don, de Berner Senner van de bankrover. Na haar melden zich nog duizend vrijwilligers aan. In de straten van Boedapest verschijnt graffiti waarbij het aantal bankroven versus het aantal arrestaties wordt bijgehouden. Koffiemokken, T-shirts en honkbalpetjes met de bankrover aanmoedigende teksten zijn overal te koop.

Afgelopen herfst verscheen in de Verenigde Staten het door Julian Rubinstein geschreven Ballad of the Whiskey Robber. De Hongaarse vertaling ligt nu in hoge stapels in de Boedapester boekwinkels en op de toonbank bij benzinepompen. Door Elet és irodalom, hét literaire weekblad van Hongarije, wordt het boek betiteld als: `Een van de allerbeste boeken ooit geschreven over post-1989 Hongarije'.

In Ballad of the Whiskey Robber toont Rubinstein aan hoe een drinkende bankrover kon uitgroeien tot een Hongaarse celebrity met goddelijke proporties. In zijn opinie kon de Whiskey Bankrover alleen op díe plaats op dát moment in de Europese geschiedenis ontstaan.

BANKROVERSPARADIJS

Attila Ambrus werd geboren op 6 oktober 1967 in Csíkszereda in het Roemenië van Nicolai Ceaucescu. Zijn ouders maakten deel uit van de door `het genie van de Karpaten' onderdrukte Hongaarse minderheid. Csíkszereda staat bekend als stad in Roemenië van weerbare Hongaarse jongens: `Bicskás csíkiek', messentrekkers uit Csík. Het lokale ijshockeyteam (het enige profteam van Roemenië dat uit louter Hongaren bestond) en haar fans waren zo maniakaal anti-Ceaucescu dat werd gezegd dat de ijshockey-arena van Csíkszereda de enige plaats in Roemenië was waar de Securitate niet durfde te komen. Hier groeide de jonge Attila op.

Na wat kleine vergrijpen en het uitdienen van zijn militaire dienstplicht vlucht de 21-jarige Attila, een jaar voordat Nicolai Ceaucescu wordt afgezet, hangend onder een goederentrein naar Hongarije.

In Boedapest lukt het Attila Ambrus de reservekeeper van UTE, een van Hongarije's van wodka en peppillen aan elkaar hangende top-ijshockeyclubs, te worden. Hij mag blijven vanwege zijn verbetenheid, ijshockeyen kan hij niet echt. Daarnaast verdient hij geld met huidensmokkel. Tussen de ijshockeytrainingen door scheurt hij zonder rijbewijs in een oude Lada Samara van Transsylvanië naar Oostenrijk met een achterbak vol beren-, herten- en wilde zwijnenhuiden.

Als de huidenhandel instort pleegt Attila Ambrus, om schulden af te betalen, op 22 januari 1993 zijn eerste roofoverval. Doodzenuwachtig, met een afgeprijsde pruik op zijn hoofd en een speelgoedpistool in zijn hand, stapt hij vlak voor sluitingstijd het buurtpostkantoortje binnen en krijgt van de enig aanwezige dame zonder slag of stoot de inhoud van de kas overhandigd.

Zeven jaar lang, van 1993 tot en met 1999, leidt de reservekeeper van UTE een dubbelleven. In die tijd pleegt hij in Boedapest 26 gewapende overvallen (3 reisbureau's, 6 postkantoren en 17 banken) terwijl hij als een van de weinige UTE-spelers vrijwel geen training mist.

PRUIKEN EN SNORREN

Het is een droomtijd voor bankrovers. Tijdens het communisme kende Hongarije dit soort vrij ondernemerschap niet. Banken en postkantoren hebben nog geen camera's, alarmknoppen, bewakers of instructies voor het personeel. Attila Ambrus ontwikkelt een sterke voorkeur voor de staatsbank OTP, die totaal niet voorbereid is op overvallen. Creditkaarten, bankpasjes zijn nog niet ingevoerd, alles gaat cash. En de politie verplaatst zich in trage Lada's.

In deze postcommunistische tijd, waarin zowel overvallers als politie nog weinig sophisticated te werk gaan, vormt Attila Ambrus de uitzondering. Hij bereidt iedere overval nauwgezet voor. Hij bezoekt de te beroven kantoren over een lange periode en noteert precies hoeveel mannen en vrouwen er werken, welke vluchtwegen er zijn, hij klokt hoelang de politie er vanuit het dichtstbijzijnde politiebureau over zal doen en controleert over hoeveel patrouille-auto's men daar beschikt.

Doordat hij zich voor de overvallen in nabijgelegen cafés met enkele whiskeys moed indrinkt, krijgt hij de geuzennaam `Viszkis Rablo'. Hij vermomt zich met slechtzittende pruiken, snorren en hoeden en wapent zich met doorgeladen pistolen, maar schiet hooguit in de lucht. Hij maakt zich rennend en met taxi's en het openbaar vervoer uit de voeten.

Dankzij de dagelijkse ijshockeytrainingen is hij lenig en snel als een kat. Hoewel hij tijdens de overvallen steevast enigszins beschonken is, blijft hij altijd beleefd en, niet onbelangrijk in Hongarije, galant tegenover vrouwen. Een enkele maal neemt hij zelfs bloemen mee voor de baliemedewerksters. Nadat dit over de volle breedte van de pulppers heeft gestaan kan de Whiskey Rover niet meer kapot.

Door zijn ongrijpbaarheid en beleefdheid – die hij cultiveert – wordt hij de lieveling van het Hongaarse publiek. De humane details dat hij zich moed moet indrinken en dat hij gebruik maakt van het openbaar vervoer, zoals iedere doorsnee Hongaar, draagt bij aan de mythevorming. Maar het meest wordt zijn populariteit geholpen door de orgie van ongegeneerd grijpen en graaien waar de Hongaarse politieke en financiële elite zich aan overgeeft.

Hongarije bevond zich middenin de transitie van communisme naar kapitalisme en had zich met ware Hongaarse doodsverachting op het privatiseren gestort. In vijftien jaar tijd is het land van 0% naar 85% geprivatiseerd, een niveau dat menig West-Europees land na eeuwen van kapitalisme nog niet evenaart.

Dat privatiseringsproces is, om het zacht uit te drukken, niet geheel transparant verlopen. Hoe bedrijven die enkele tientallen miljoenen of zelfs honderden miljoenen euro's waard waren, gefinancierd konden worden door individuen uit datzelfde land, waar tot kort daarvoor geen privébezit bestond, zal altijd wel onduidelijk blijven. Veel mensen die dicht bij de macht zaten, deden bij de privatiseringen in ieder geval goede zaken. Het kreeg in de volksmond dezelfde naam die werd gegeven aan het plunderen door de nazi's in de nadagen van de Tweede Wereldoorlog: `szabad rablás' (`vrij roven').

Las Vegas aan de Donau

Terwijl alles duurder werd, de gemiddelde Hongaar niet meer ging verdienen en zijn zekerheden verloor, verschenen de zwarte BMW's, Mercedessen en Audi's naast de Trabantjes in het straatbeeld. Politieke schandalen bepaalden het nieuws. Ondertussen werd miljoenen verdiend in de illegale oliehandel en ruimde de maffia met weinig subtiele autobommen tegenstanders uit de weg.

In recordtijd was Boedapest, na Atlantic City en Las Vegas, de stad met de hoogste casino-dichtheid ter wereld geworden. Het `Las Vegas Casino', een van Attila's geliefde speelholen, bracht in één kwartaal meer belasting binnen dan de gezamenlijke Hongaarse metallurgische industrie in het hele voorafgaande decennium.

In deze roerige, immorele Hongaarse modderpoel leek Attila Ambrus als een helder bergbeekje. Hem kon je in ieder geval geen hypocrisie of corruptie verwijten. Hij was een hardwerkende bankrover met open vizier, die het tegen de verrotte, gevestigde orde opnam.

De politie kampte intussen met een chronisch gebrek aan geld, talent en ervaring. Veel personeel stapte over naar de financieel aantrekkelijkere private sector. De politie zat met de handen in het haar. Tientallen overvallen door de Whiskey Rover, maar geen enkel hoopgevend spoor. De leider van het onderzoek was zo desperaat dat hij zijn rechercheurs de opdracht gaf video's van inspecteur Columbo te huren om te zien hoe ze het verder moesten aanpakken.

ARRESTATIE Of het dankzij de Columbo video's kwam, de voortschrijdende techniek (steeds meer beveiligingscamera's, verborgen alarmknoppen, bewakers bij de banken en snellere politie-auto's) of statistische onvermijdelijkheid: na zeven jaar, op 15 januari 1999, kreeg de politie de Whiskey Rover te pakken.

Zes maanden na zijn arrestatie, ontsnapt de Viszkis uit de Gyorskocsi gevangenis, de gevangenis waar nog nooit een mens uit ontsnapt was. Via gevangeniscontacten vindt hij een onderduikadres. Hij berooft nog drie banken alvorens via een verloren telefoonkaart getraceerd te worden.

Nadat de Whiskey Rover zeven jaar lang de autoriteiten te slim af is geweest, en de politie herhaaldelijk voor aap heeft gezet, wordt hij op 14 december 2000 veroordeeld tot zeventien jaar gevangenisstraf (moordenaars krijgen in Hongarije meestal vijftien jaar). Hij zit nu zijn straf uit in de zwaar bewaakte gevangenis van Sátoraljaújhely aan de Slowaaks-Hongaarse grens, een plek door hem zelf beschreven als: `Het einde van de wereld, waar zelfs de vogels niet meer vliegen'.

De Hongaren zijn Attila Ambrus nog niet geheel vergeten, nog wekelijks duikt er wel een klein berichtje over hem op in de pulppers, maar iedereen heeft het te druk met zichzelf, met overleven. De meeste belangstelling voor Ambrus komt dezer dagen uit het buitenland: Whiskeyproducent Jack Daniels heeft een nieuwe cocktail gelanceerd: The Whiskey Robber. En Johnny Depp heeft de verfilmingsrechten van Ballad of the Whiskey Robber gekocht. Hollywood-roem ligt in het verschiet.