Video over 11/3: `Na de Slachting'

De Spaanse conservatieven beschuldigen de socialisten in een videofilm van antidemocratisch gedrag. Een nieuw hoogtepunt in een verbeten campagne.

De Spaanse socialistische partij heeft de fundamentalistische terreuraanslagen van 11 maart vorig jaar in Madrid op antidemocratische manier gebruikt om aan de macht te komen. De aanslagen, waarbij 191 doden vielen, gaf haar de gelegenheid ,,een toneelstuk op te voeren dat ze al maanden had ingestudeerd''. Dit is de boodschap van de video Tras la Masacre (Na de Slachting) van een klein kwartier die gisteren werd getoond door de FAES, het wetenschappelijk bureau van de conservatieve Partido Popular (PP) dat wordt voorgezeten door ex-premier José María Aznar.

De video, die ook in een Engelse versie te zien is op internet (www.fundacionfaes.es), is het voorlopig hoogtepunt van een verbeten campagne van de PP die al maanden aan de gang is en die de normale politieke verhoudingen in het parlement ernstig belemmert. De PP suggereert aanhoudend dat de socialistische partij de aanslagen heeft misbruikt om Aznar van zijn verkiezingswinst te beroven. Sommige insinuaties gaan zelfs zo ver te veronderstellen dat er mogelijk een band bestaat tussen de socialisten en de fundamentalistische terroristen die worden verdacht van de aanslagen. Hoewel een conservatieve partij-afgevaardigde gisteren bij de video-presentatie liet weten de uitslag te respecteren, wordt hiermee feitelijk de legitimiteit van de Spaanse verkiezingen in twijfel getrokken.

Oud-premier Aznar was, ondanks eerdere aankondigingen, gisteren niet aanwezig bij de première van de video, die is gemaakt door de voormalig staatssecretaris van Communicatie uit het kabinet van Aznar. De film mengt beelden van eerdere aanslagen van de Baskische terreurbeweging ETA met de aanslagen van vorig jaar. Tijdens de hoorzittingen van de parlementaire onderzoekscommissie naar de aanslagen is inmiddels gebleken dat de politie reeds op de avond van de aanslagen op het spoor van de fundamentalistische moslimterroristen zat. Maar de video betoogt andermaal dat het terecht was dat de regering bijna drie dagen lang beweerde dat het Baskische terroristen waren die de treinen hadden opgeblazen.

Aznar en zijn partij worden in de video gepresenteerd als de slachtoffers van een socialistische smaadcampagne aan de vooravond van de verkiezingen. Door het portret van Zapatero af te beelden op een mobiele telefoon wordt gesuggereerd dat de huidige premier achter de sms-berichten zat die opriepen tot protesten bij de partijkantoren van de PP, op zaterdag 13 maart. ,,De terroristen wilden de regering van Spanje veranderen'', aldus het commentaar. ,,En links liet die kans niet liggen.'' Aznar insinueerde eerder dat de ,,intellectuele daders'' van de aanslagen in linkse kring gezocht moeten worden.

De fractiewoordvoerder van de socialistische partij, Alfredo Pérez Rubalcaba, veroordeelde de video als een onderdeel van de ,,strategie van opjagen en neerhalen'' van premier José Luis Rodríguez Zapatero. De uiterst verbeten aanvallen op de socialistische regering komen terwijl de parlementaire onderzoekscommissie haar onderzoek afrondt. In de conclusies zal een oordeel worden geveld over de politieke verantwoordelijkheid van de vertrokken regering-Aznar bij het voorkomen en afhandelen van de aanslagen. Naar verwachting zal het eindrapport kritiek bevatten op het in de wind slaan van waarschuwingen van geheime diensten.