Hulp aan getroffen Nias gaat nog traag

De autoriteiten in Indonesië gaan er van uit dat bij de aardbeving voor de westkust van Sumatra mogelijk minder mensen om het leven zijn gekomen dat het aanvankelijk geschatte aantal van duizend tot tweeduizend. De Indonesische president Susilo Bambang Yudhoyono heeft vandaag in de stromende regen het zwaar getroffen eiland Nias bezocht.

De hulpverlening komt zeer langzaam op gang, maar aanhoudende naschokken, het slechte weer en logistieke problemen belemmeren de reddingswerkzaamheden. Zo zijn er hulpgoederen gearriveerd in Gunung Sitoli, de belangrijkste plaats op Nias, maar zijn de inwoners nog steeds verstoken van drinkwater en elektriciteit. Het ziekenhuis is zo zwaar beschadigd dat honderden gewonden niet kunnen worden behandeld. Ook is er dringend behoefte aan zwaar materieel om puin te ruimen. Elders op het eiland zeggen overlevenden dat ze nog geen hulpverlener hebben gezien. Op het beschadigde vliegveldje van Gunung Sitoli kunnen alleen kleine vliegtuigen en helikopters landen. Veel hulp moet daarom per schip worden aangevoerd.

Tot dusver zijn de lichamen van tussen de 600 en 700 slachtoffers geborgen. Volgens sommige hulpverleners en regeringsfunctionarissen kan het totale dodental in de regio oplopen tot tweeduizend. Maar vanochtend zei een regeringswoordvoerder in Jakarta dat er tot dusver 279 mensen zijn begraven en dat het totale dodental in het rampgebied uit zal komen op tussen de 400 en 500. De sterk afwijkende berichten illustreren het gebrekkige inzicht dat nog bestaat over de omvang van de ramp.

Vanuit het buitenland is omvangrijke hulp onderweg. De Verenigde Staten sturen twee marineschepen met medische faciliteiten aan boord, Japan en buurland Australië sturen militaire vliegtuigen met geneesmiddelen, en gisteren arriveerden al helikopters uit Singapore met voedsel en water.