Vera Drake

Als je Vera Drake eenmaal gezien hebt, kun je haar moeilijk uit je hoofd zetten. Kleine, onbaatzuchtige vrouw uit de Engelse arbeidersklasse van omstreeks 1950, altijd goedgehumeurd, altijd behulpzaam. Overal waar Vera Drake kwam, brak de zon even door. ,,Let's put the kettle on, dear'', zei ze bij binnenkomst, en dan was het weer tijd voor tea.

Of maak ik het nu te mooi, en moeten we heel anders tegen Vera Drake aankijken? Er zijn ook tegenovergestelde meningen over haar. Ze zou een engel des doods zijn geweest, een vrouw die als aborteuse talloze zwangere vrouwen de dood heeft ingedreven.

Ik praat al over Vera Drake alsof ze echt bestaan heeft. Dat is de verdienste van Mike Leigh, de Engelse filmregisseur aan wiens fantasie ze ontsproten is. Imelda Staunton, de actrice die Vera Drake in de gelijknamige film zo onvergetelijk gestalte geeft, deed de rest.

Een wonderlijke filmmaker, deze Leigh. Hij werkt altijd met lage budgetten, kleine producenten en vaak onbekende Engelse acteurs. Hij gaat niet van een vaststaand script uit, het verhaal moet zich tijdens de repetities met de acteurs ontwikkelen. Het lijkt `ons' Werkteater van vroeger wel.

Bij Leigh mogen de acteurs nooit méér weten dan de personen die ze uitbeelden. Daarin gaat hij heel ver. In de film zwijgt Vera Drake tegenover al haar familieleden over haar praktijken als aborteuse. Ook haar tegenspelers wisten tijdens de repetities niet wat er met haar aan de hand was. Toen ze ten slotte thuis gearresteerd werd, was Imelda Staunton, Vera Drake dus, op haar beurt verrast: Leigh had haar niet verteld dat de politie in aantocht was terwijl ze zo vredig met haar familie feestvierde.

Op deze manier bereikt Leigh maximale intensiteit in het spel van zijn acteurs. Dat is mooi, maar niet voldoende. Het verhaal moet óók overtuigen. Dat doet het kennelijk, want de zalen lopen vol en de bezoekers zijn na afloop onder de indruk: zelden heb ik na een film zo'n geladen stilte gevoeld.

Vera Drake is geen controversiële film geworden, zelfs radio Vaticaan heeft er gunstig over gesproken. Maar het is wel een film die tot andere bevindingen kan leiden dan ik voor mogelijk had gehouden.

Ik las een Amerikaanse criticus, Rands Richard Cooper van het katholieke blad Commonweal, die ernstig twijfelde aan de goede bedoelingen van Vera Drake. Volgens hem was ze niet zo onbaatzuchtig als ze leek. Hij zag haar als iemand met een repressieve seksuele moraal, voor wie al die ongewilde baby's verboden vruchten van de seks waren. Ze wilde haar gezinsmoraal opleggen ,,aan de anarchistische krachten van de erotiek''.

Ik vond het mooi gevonden, maar had de regisseur het ook zo bedoeld? Nergens in de schaarse interviews met Mike Leigh komt hij tot deze interpretatie. Vera Drake lijkt in de verte op zijn vader, zegt hij. Die was dokter in een arbeiderswijk en pleegde geen abortus, maar wel soms euthanasie. Daar voelde hij zich, net zomin als Vera Drake, schuldig over. ,,Vera Drake is er om te helpen'', zegt hij, ,,ze doet iets wat duizenden mensen, vooral vrouwen, in alle samenlevingen en alle tijden hebben gedaan.''

Haar goede bedoelingen maken haar roekeloos – dat is de tragiek van Vera Drake.