Olé, olé

De klas verstandelijk gehandicapte jongens mag een training van het Nederlands elftal bijwonen. Van top tot teen in het oranje gestoken bekijken ze met open mond hoe hun televisiehelden warmlopen en een rondootje doen. Tegen de tijd dat er een partijtje gespeeld wordt, zijn ze over hun verlegenheid heen. Te pas, maar vooral te onpas fluiten ze uit, moedigen aan en verzamelen zoveel mogelijk handtekeningen. Ook van de man die de grasmat verzorgt.

De langste van de klas, een graatmagere slungel met een paars zonnebrilletje, tuurt naar de zojuist ontvangen handtekening en zegt tegen de speler: ,,Ik had ook wel bij Oranje gewild. Maar ik ben een beetje hardhorend. Kijk, dat heb ík nou weer.''