NOC*NSF: half miljoen nieuwe leden bij clubs

Alle sportbonden moeten via dit jaar te ontwikkelen marketingplannen gezamenlijk een half miljoen leden winnen. Dat is voor 2008 de inzet van sportkoepel NOC*NSF, die de bonden ,,professioneler en marktgerichter'' wil maken. Bonden die zich niet of onvoldoende inzetten kunnen daarvoor bij de verdeling van de Lottogelden vanaf 2006 gestraft worden.

Met het plan moet het aantal leden dat bij een sportbond is aangesloten met ruim 10 procent stijgen tot 5 miljoen. Door de recente economische tegenwind en door de opkomst van individuele activiteiten als hardlopen en fitness is het aantal leden bij de traditionele verenigingen juist afgenomen.

,,Leden van een sportvereniging spenderen naar schatting zo'n half miljard euro aan contributie. We moeten ons eens gaan afvragen of ieder lid wel waar voor zijn geld krijgt'', zegt directeur Marcel Sturkenboom van NOC*NSF in een toelichting. ,,Met behulp van een marketingplan en met assistentie van een professioneel bureau willen we simpele stappen zetten. Bijvoorbeeld hoe je als bond en vereniging kan inspelen op de vergrijzing en op welke manier je dan bijvoorbeeld het sportaanbod moet veranderen. Allemaal niet ingewikkeld, maar de sport is niet gewend om zo te redeneren.''

Als stok achter de deur heeft NOC*NSF de verdeling van de Lottogelden. Wie niet meewerkt kan gestraft worden. ,,Het is zeker niet de bedoeling dat wij als een big brother gaan kijken of iedere bond aan het eind van het jaar wel een mooi marketingplan heeft liggen. Het gaat ons veel meer om de praktijk, om het bewustzijn marktgerichter te worden. De verschillende sportbonden zien van elkaar wel hoeveel inspanningen zij allemaal leveren. En de Lottogelden zijn gekoppeld aan het aantal leden, dus als een bond er niet in slaagt om te groeien, dan voelen zij het direct'', aldus Sturkenboom.

In het verleden hebben met name de kleine bonden zich wel eens beklaagd over de eisen die door NOC*NSF werden gesteld. ,,Dat klopt, maar daarom hebben kleinere bonden zich ook gebundeld. Daarmee [met de geringe omvang] komen ze niet weg. Maar de meeste bonden zien wel dat de dreiging van buiten komt, niet van ons'', zegt hij. Als onderdeel van de professionalisering zijn sinds kort 500 mensen extra actief bij de verschillende bonden. ,,Zij zijn bijvoorbeeld op gewestelijk niveau actief en kunnen de verenigingen een backbone geven, waardoor de leden structureel meer kan worden geboden.''