Een worsteling van alle tijden

Met een paarse hand trekt de man zijn rechterooglid naar beneden. Met één koolzwart, glanzend oog staart hij het publiek aan. Hij kijkt letterlijk scheel, Egon Schiele, die zichzelf hier portretteerde als man van smarten. Maar de gouache refereert niet meer dan zijdelings aan dit religieuze thema. Het gaat hier duidelijk meer om `Weltschmerz' in het algemeen. Schiele was amper twintig toen hij dit werk en andere indringende zelfportretten schilderde, vol van zichzelf en zijn eigen plaats in de wereld, bewust van de tragiek van het bestaan, maar vooral bezig zijn eigen erotische driften te verkennen.

Het Van Goghmuseum geeft een overzicht van het werk van deze hypergedreven schilder die, net als Van Gogh en Munch een generatie eerder, zijn omgeving choqueerde door zich op bijna agressieve wijze bloot te geven. aan. Schiele maakte zijn oeuvre in zeer korte tijd – hij stierf al op zijn achtentwintigste.

Schiele werkte vlak na het fin-de-siècle in Wenen, toen de Wiener Sezession met zijn avantgarde kunst net was opgehouden en het kunstleven weer in gezapigheid en provincialisme was teruggevallen. Dat maakte zijn vaak getormenteerde naakten extra provocerend. De wanden in het Van Goghmuseum zijn ermee bedekt, hoekige figuren, beklemd door hun lichaam. Wat blijft hangen is het beeld van een kunstenaar die geobsedeerd was door zijn angst, zozeer dat hij voortdurend balanceert op de grens van de krankzinnigheid.

Schiele had een moeilijke jeugd. Zijn vader had syfilis en stierf toen Egon veertien was, nadat hij een jaar eerder voor de ogen van zijn gezin een zelfmoordpoging had gedaan. Zijn voogd en zijn moeder steunden hem niet in zijn kunstenaarsaspiraties, maar hij begon al vroeg heftig te schetsen. Om de haverklap maakte hij zijn mooie zuster Gerti wakker om haar in allerlei posities te portretteren. In tegenstelling tot zijn latere naakten en ook de beelden van zijn vrouw Edith, kijkt Gerti je vrijwel altijd direct en enigszins hautain aan. Ze is zijn perfecte model, het verlengstuk van de kunstenaar. Later haalde Schiele ook magere straatkinderen binnen om hen, al dan niet met kleren aan, in hun kwetsbaarheid en armetierigheid, op papier te zetten. Ook hier balanceert hij op een grens, wat hem hem al gauw op een gevangenisstraf kwam te staan omdat hij pornografische tekeningen van minderjarigen zou maken.

Lang niet al het werk op de tentoonstelling valt overigens onder erotiek, integendeel. Erotiek houdt een zekere oppervlakkigheid in, maar het is duidelijk dat het Schiele tegelijkertijd ook om het innerlijk ging, om gevoelens van liefde en vooral van doodsangst. Het is juist de combinatie die provocerend werkt. Honderd jaar geleden en ook nu nog.

Om de kracht en moderniteit van Schieles kunst te onderstrepen, om het publiek te laten zien dat dezelfde beklemming ook nu nog geldt, besloot het Van Goghmuseum om Schieles werk niet zomaar `als historische curiosa' te tonen, zoals directeur John Leighton het uitdrukte. In de tentoonstelling zijn life- en videoperformances opgenomen en worden op Schiele geïnspireerde dansvoorstellingen gehouden van Marina Abramović en Dansgroep Krisztina de Châtel. De fascinatie voor het lichaam speelt hierbij dus de hoofdrol. Je ziet op grote schermen figuren rustig over een wit geplooid laken schuiven, er hangt een stoel aan de wand waarop een vrouw met een donkere bal continu langzaam beweegt. Hoe dan ook, de handeling fascineert, al was het alleen maar vanwege de museale omgeving.

Op gezette tijden voert de dansgroep de voorstelling Gradual and Persistent Loss of Control uit, waarbij naakte lichamen en glazen kubussen een rol spelen. De figuren raken langzaam los uit hun beklemming, nemen `Schiele-houdingen' aan en wandelen vervolgens gekleed de deur uit. Dat klinkt prozaïscher dan het is, want hoe fascinerend ook, het werk van De Châtel en Abramović versterkt deze eerste overzichtstentoonstelling van Schiele in Nederland niet wezenlijk. De oude Weense kunstenaar voegt meer toe aan het actuele werk dan andersom. Schiele bekijk je er niet anders door, daar zijn de performances te esthetisch, te rationeel voor, met al hun citaten. Ook zonder de lijfelijkheid van echte naakten kan Schiele zelf uitstekend zijn beklemmende worsteling tussen lichaam en geest onderstrepen. Een worsteling die van alle tijden is, maar waar hij zelf, omdat hij zo jong stierf, nooit helemaal uit gekomen is.

Tentoonstelling: Egon Schiele (1890-1918). T/m 19 juni in het Van Goghmuseum, Amsterdam. Dag. 10-18u, vr 10-22u. Performances dag. 13u30 en 16u; vr 20u15 en zo 16u dansvoorstelling Gradual and persistent Loss of Control door Kristina De Châtel en Marina Abramović.