Brigadier Wind had geen schijn van kans

Justitie eist een levenslange gevangenisstraf tegen de Duitser die vorig jaar in de Enschedese binnenstad een agent doodschoot. ,,Hij zal er opnieuw voor kiezen dodelijke slachtoffers te maken.''

Al ver voor het najaar van 2004 had R. B. zich één ding heilig voorgenomen. De 45-jarige Duitser, die in zijn geboorteland ruim zeventien jaar achter tralies had doorgebracht en sinds 2002 op vrije voeten was, zou zich niet nog een keer laten arresteren. Bij een confrontatie met de politie zou hij zijn vuurwapen gebruiken. ,,Het was zij of ik'', had hij tegen zijn vriendin en kennissen gezegd.

Op 30 september vorig jaar voegde de aan cocaïne verslaafde B. de daad bij het woord. Toen twee agenten hem wilden aanhouden op verdenking van betrokkenheid bij een drugstransactie, trok hij een pistool en schoot de 47-jarige brigadier Jan Wind in de borst. Deze overleed een uur later. Bij de achtervolging die hierop volgde, schoot B. gericht op twee agenten. Eén werd in het hoofd geraakt en overleefde ternauwernood.

Moord en twee pogingen tot moord, concludeerde officier van justitie M. Bordenga gisteren bij de rechtbank in Almelo. Hij eiste een levenslange gevangenisstraf.

De Duitser betwistte dat sprake was van een vooropgezet plan. Hij heeft geschoten, dat klopt, maar dat kwam omdat hij zich bedreigd voelde. ,,Als men mij bedreigt, of het nu een politieman is of niet, dan verdedig ik me'', zei B. tegen de rechtbank.

B. trok zijn wapen toen agent Wind hem wilde fouilleren. Toen de agent vervolgens naar zijn rechterheup greep om pepperspray of zijn wapen te pakken, schoot B. ,,Ik dacht dat hij zijn pistool wilde grijpen en heb in een reflex geschoten. Het was geen moord.'' Het wapen had B. getrokken om de agenten op afstand te houden en ze in hun dienstauto te kunnen opsluiten.

Volgens zijn advocaat, T. Stapel, was het doodslag. ,,Het was geen gelukkige beslissing van Wind om naar zijn wapen te grijpen'', zei Stapel. Die opmerking werd hem door officier van justitie Bordenga en de met politieagenten gevulde rechtszaal niet in dank afgenomen. ,,Wind heeft geen schijn van kans gehad'', zei Bordenga.

B. is in eigen land eerder veroordeeld voor afpersing en roofovervallen. Hij heeft zich een `existentialist' genoemd – iemand die zijn eigen wetten en normen hanteert en zichzelf bewust buiten de samenleving plaatst. De Duitser is volgens psychologische onderzoeken bovengemiddeld intelligent, maar vertoont paranoïde, narcistische en antisociale trekjes. Hij heeft lak aan gezag en kent maar één zorg: hoe kom ik aan geld voor cocaïne.

Er is een grote kans op herhaling, zo stellen de deskundigen. ,,Hij zal er opnieuw voor kiezen dodelijke slachtoffers te maken om zichzelf de vrijheid die hij zelf wil, te garanderen. Zeventien jaar gevangenisstraf hebben zijn gedrag niet veranderd'', concludeerde officier van justitie Bordenga. Kort voor het schietincident overviel B. in Duitsland twee banken.

Omdat B. niet volledig aan de psychologische onderzoeken heeft meegewerkt, staat niet vast of hij verminderd toerekeningsvatbaar is. Hoewel de psychologen geen spijt hebben waargenomen, toonde B. tijdens de rechtszitting berouw. Hij wil smartengeld betalen aan de familie van Jan Wind en de agenten op wie hij geschoten heeft. Ook is hij bereid met de dochter van Jan Wind, op haar verzoek, een gesprek te voeren. ,,Ik wil me persoonlijk verontschuldigen.''

Maar volledig schuldig voor het hele gebeuren voelt hij zich niet. De politie, zo hield hij de Almelose rechtbank voor, is medeverantwoordelijk voor het feit dat een routinecontrole uit de hand is gelopen. De tweede schietpartij, waarbij over en weer negen keer werd geschoten, vond plaats op een schoolplein vol met ouders en leerlingen. ,,U had zich eerder kunnen kunnen overgeven'', zei rechter G. Stoové tegen B. ,,Had ik graag gedaan, maar ze bleven maar schieten. En niet alleen op beenhoogte. Ze wilden me dood hebben.''

Uiteindelijk legde B. toch zijn wapen neer. ,,Als ik echt politiemensen om het leven had willen brengen, waren er die dag vijf gestorven en zat ik nu niet in de gevangenis.''

Advocaat Stapel betoogde dat B. moet worden vrijgesproken van de pogingen tot moord. Het staat niet 100 procent vast dat de agent die levensgevaarlijk gewond raakte, door een kogel van B. is getroffen terwijl volgens de raadsman bovendien geen opzet in het spel was. B. zelf lijkt niet op te zien tegen een gevangenisstraf. Het overzichtelijke leven in een beperkte ruimte bevalt hem beter dan de maatschappij buiten de gevangenis. ,,In de cel voel ik me op mijn gemak.''