Wiek Hijmans

De in moderne muziek gespecialiseerde gitarist Wiek Hijmans bracht onlangs een solo-cd uit met de titel Classic Electric. De versmelting van `klassiek' en `elektrisch' die Hijmans nastreeft, komt tot uitdrukking op de hoes, waarop hij poseert met een semi-akoestische gitaar, de klankkast van een klassieke gitaar en de techniek van een elektrische.

De eenzaam pingelende gitaar geeft de meeste werken op de cd een introspectief, soms introvert karakter. Eigenlijk is Electric Counterpoint (1987) van Steve Reich de enige uitzondering – de gitarist wordt hier met behulp van opnametechnieken verdertienvoudigd. Hijmans' warme, tere klank maakt Reichs minimalistische spel van verschuivende ritmes en patronen tot een weldadige ervaring. Theo Loevendie's Scan (2003), niet een van zijn sterkste werken, is een neoklassiek klinkende zoektocht die steeds weer vastloopt in een overdaad aan digitale echo. Echt gitaristiek is het melancholisch mijmerende E Dominio (2001) van de Nederlandse componist Paul Termos (1952-2003), met typisch gebruik van flageoletten en open snaren. Ook de andere werken op de cd laten horen half improviserend, met gitaar in handen, te zijn gecomponeerd. Hijmans' eigen From Here to There and No Return (2003) is het meest speelse en virtuoze voorbeeld; en uitstekende uitsmijter.

Wiek Hijmans. Classic Electric. (X-OR 018)