Doorgeschoten chocoladeliefde

Turijn wil weer 's werelds `choco- stad' worden. De bezoeker kan, mét bonnenboekje, volop likken aan en happen en drinken van alle mogelijke lekkernijen van cacao.

Dames: wat dacht u van een gezichtsmasker op basis van chocola? Of een ontspannende massage met een olie op basis van cacao? Vooral goed voor het zenuwstelsel. Wie daarna nog een kopje vloeibare chocola drinkt, moet de lijn maar even vergeten en bedenken dat dit calorierijke drankje heel goed is tegen vrije radicalen.

Het staat er echt, in de folders van een paar schoonheidssalons. Turijn, wat weggestopt in het noordwesten van Italië, tegen de Alpen aan, is zijn eeuwenoude chocolatraditie aan het oppoetsen. Dat dit het gebied is waar de Nutella vandaan komt, is inmiddels vrij algemeen bekend. Maar je kan hier ook op het allerhoogste niveau genieten van chocola.

De curieuze massage-arrangementen zijn doorgeschoten chocoladeliefde. Maar Turijn gaat met zijn chocola om als met wijn of speciale kazen: het gaat natuurlijk allereerst om de smaak, maar het plezier wordt vergroot door de tradities en de historische wortels die zijn verweven met het product.

Zo kan je sinds kort een `chocotour' maken in Turijn, langs historische cafés en pasticcerie vol lekkernijen, om de verschillende verschijningsvormen van chocola te proeven. Voor tien of vijftien euro koop je bij het toerismebureau een boekje met bonnetjes voor een slokje, een hapje of een likje. Officieel zijn die slechts 24 uur na het eerste gebruik geldig, maar in de praktijk lijkt niemand daarnaar te kijken. En dat is maar goed ook, want wie alles te voet wil doen is al gauw meer dan een dag bezig – en dan liggen drie deelnemers ook nog buiten het centrum.

`Chocola' is begonnen als drank. De azteken dronken het als xocolatl, bitter water. Spaanse ontdekkingsreizigers brachten de cacaobonen naar Europa. Toen Karel V in 1537 zijn gasten aan het hof deze nieuwe drank voorzette, bedankten de meesten beleefd. Maar later kwam iemand op het idee er suiker bij te doen en vanille, en toen werd chocola een modedrank. Ook in Turijn. Van Cavour, een van de grondleggers van de Italiaanse staat, is bekend dat hij graag een glaasje chocola dronk in een café. Zoals Bicerin, een klein, bijna 250 jaar oud etablissement dat is genoemd naar het kleine glaasje met een oortje waarin een mengsel van chocola, koffie en geklopte melk werd geserveerd, in duidelijk van elkaar te onderscheiden lagen. Bij Ghigo krijg je pure chocola in een kopje, net als bij Pepino, aan het prachtige piazza Carignano, naast Il Cambio, het beroemdste restaurant van Turijn. Gelukkig ligt er ook een lepeltje naast, want de behoefte om het kleine witte kopje helemaal leeg te lepelen is niet te bedwingen.

In andere lokalen kan je een chocolade-ijsje proeven of een chocoladetaart eten. Die zijn misschien elders ook wel net zo lekker te vinden. Maar het bijzondere van Turijn is de giandujotto, het langgerekte chocolaatje met de brede basis en spitse punt dat hier in 1865 is bedacht.

De uitvinding staat op naam van Isidore Caffarel en Michele Pochet. De Franse keizer Napoleon III had een handelsembargo ingesteld op producten uit de Amerika's, waardoor de prijs van cacaobonen enorm was gestegen. Het tweetal besloot toen de cacao te mengen met een grondstof die in de noordwestelijke regio Piemonte in ruime mate voorhanden is: hazelnoten. Bij langzame verhitting ontstaat zachte chocola die met een mes in een opwaartse beweging zijn vorm krijgt vandaar de puntdakvorm.

Caffarel is nu een fabriek en doet niet mee in de chocotour, maar anderen hebben de ambachtelijke productie overgenomen. De giandujotti van Caffè Torino of Confetteria Stratta geven een hele nieuwe betekenis aan het woord chocola. En bij Peyrano, in een straat langs de rivier de Po, is de traditie van het ambacht nog zichtbaar als in de kleine winkel de deur naar achter opengaat en het zicht laat op vrouwen die met kapjes op de kostbare chocolaatjes inpakken. Tegen de linkerwand hangen ingelijst brieven en telegrammen waarin gravinnen, industriëlen en diplomaten in het verleden hun giandujotti bij Peyrano hebben besteld – onder hen ook, in 1938, de Nederlandse consul in Venetië. In een andere brief staat dat de chocola zo lekker is ,,dat de Zwitserse daarbij verbleekt''.

Peyrano, opgericht in 1915, doet alles zelf in de ruimte achter de winkel. De bonen worden aangevoerd uit Venezuela, Ecuador, Trinidad en Sumatra, en in Turijn geroosterd boven een vuur van olijfhout. Net als andere chocolademakers experimenteert Peyrano ook met de toevoeging van kaneel, peperoncino, kruidnagel of andere smaken. Zo ontstaat een assortiment met zestig verschillende soorten. De kwaliteit moet wel worden betaald: ongesorteerd kosten de chocolaatjes bij Peyrano 48 euro per kilo. Voor een doosje van 400 gram betaal je 23 euro.

Het jaarlijkse chocoladefestival zal volgend voorjaar samenvallen met de Olympische Winterspelen, in een poging Turijn definitief als chocostad op de toeristische kaart te zetten. De stad probeert het imago van een door autofabrikant Fiat gedomineerde monocultuur van zich af schudden. Dat is deels al gelukt door het succes van het nog geen vijf jaar geleden geopende filmmuseum.

De behuizing van het filmmuseum, niet ver van chocoproefpunt caffè Fiorio, is al bijzonder: de mole Antonelliana, de bijna 170 meter hoge ex-synagoge die in 1863 is ontworpen als een duel met de zwaartekracht. Het gebouw is sinds zijn voltooiing het symbool van de stad zoals de Eiffeltoren dat is voor Parijs, en het museum heeft zich in zijn korte bestaan ontpopt als de belangrijkste toeristentrekker van Turijn.

Het is dan ook geen gewoon museum. Overal wordt zichtbaar dat de architect die verantwoordelijk is voor de inrichting, de Zwitser François Confino, ook als scenograaf heeft gewerkt. Een lange gang slingert langs de binnenmuur omhoog en voert je langs een selectie uit de enorme collectie filmposters. In de diepte beneden is de ruimte opengelaten, vol comfortabele ligstoelen vanwaaruit je kan kijken naar compilaties van oude Italiaanse films. Bijzaaltjes daarvan aan de zijkant zijn gewijd aan de ontwikkeling van de film. In andere ruimtes kan je nagaan hoe er eeuwen geleden is gespeeld met licht en beeld, of op een groot bed met rode draperingen wegdromen bij de romantische filmfragmenten die boven je hoofd worden geprojecteerd.

Het grootste deel van de tijd is het er nogal donker, zoals in de bioscoop, en veel doorgangen worden afgeschermd door dubbele gordijnen. Maar op gezette tijden gaat ineens het licht aan. De doeken die de ramen afschermen, worden opgehaald. Even lijkt de droomwereld van de film afgelopen, maar na een paar minuten begint de voorstelling opnieuw.

Door het middelpunt van het gebouw loopt een glazen lift, die je door het spits toelopende plafond naar een platform brengt op 85 meter hoogte. Dat biedt een schitterend uitzicht over de oude paleizen van deze voormalige hofstad, met de Po die door de stad slingert en in de verte de Alpen – alleen kan de hier niet ongebruikelijke regen of mist voor een kleine regiefout zorgen.

Turijn

De Chocopass is alleen te koop bij Turismo Turino, een soort VVV. Het hoofdkantoor is in het Atrium Torino op het Piazza Solferino, in het centrum. Wie een rondje chocola wil maken, kan de pas ook bij aankomst kopen, op het station Porta Nuova of op het vliegveld Caselle. De deelnemende winkels sluiten rond lunchtijd.

Andere gerenommeerde adressen in het centrum voor chocola, vloeibaar of vast:

Mamycao op het Piazza Solferino; Caffè Mulasano en Baratti & Milano, beide op het Piazza Castello.

Het Museo Nazionale del Cinema is aan de Via Montebello 15. Di t/m zo 9-20u, za tot 23u. www.museonazionaledelcinema.org/en/cover_en.php. Via de links daar naar `multiplex' info over het programma van de bioscoop van het museum, Teatro Massimo.

Centraal gelegen hotels:

Vier sterren: Grand Hotel Sitea (Via Carlo Alberto 35), Jolly Principi di Piemonte (Via Gobetti 15), Hotel Concord (Via Lagrange 47).

Drie sterren: Genova e Stazione (Via Sacchi 14), Luxor (Corso Stati Uniti 7), Le Petit Hotel (Via S Francesco d'Assisi 21)