Schateren bij opera van Gassman

Terwijl bij de Nederlandse Opera Bellini's als `opera over opera' geënsceneerde Norma de herinnering in gaat als het ultieme drama voor diva Nelly Miricioiù, presenteert de Reisopera deze maand juist een ultraluchtige opera-over-opera. De Nederlandse première van L'opera seria van Florian Gassmann, een `barokoperette' over de wantoestanden in de achttiende-eeuwse opera, werd woensdag in het Haagse Lucent Danstheater gedurende drieëneenhalf uur met voortdurend geschater ontvangen. De bezorgde impresario, de nuffige librettist en de extatische diva – is er sinds 1769 wel zoveel veranderd in het operabedrijf?

Met L'opera seria neemt de Reisopera een sympathiek risico. Gassmann is ook bij barokliefhebbers weinig bekend, maar geheel terecht is dat niet. Zijn L'opera seria biedt een authentiek en veelal dolkomisch kijkje in de keuken van de opera seria, met en passent mooie muzikale momenten.

In de regie van Laurence Dale, zelf ooit een succesvol operazanger, begint L'opera seria als pure klucht – lillende dijen en vliegende poedels incluis. Omringd door hysterische diva's en hun moeders, twisten librettist Delirio (Maarten Koningsberger) en componist Sospiro (Steven Tharp) over hun nieuwe opera, die na méér gekibbel (akte 1) en dramatische repetities (akte 2) uiteindelijk als raam-operaatje wordt opgevoerd en op hilarische wijze ontspoort (akte 3).

Dale heeft de wantoestanden van het operabedrijf campy geactualiseerd; de diva lijkt op Dolly Parton, de librettist op een Hells Angel. Zijn concept werkt echter het best waar de humor is gezocht in het onnadrukkelijke. Tijdens een recitatief delen de orkestmusici openlijk dropjes rond, en waar de prima donna niet weet wanneer ze moet inzetten, roepen de musici: ,,Nu!'' Maar omdat een `echte' verhaallijn ontbreekt, missen sommige grollen in de eerste akte het contrast met een serieus kader, en dan dreigt humor te ontaarden in een polonaise van platte potsen.

Muzikaal houdt Gassmann vast aan de strenge contouren van de opera seria, om daar zo des te snediger de draak mee te kunnen steken. Daarbij wordt ook de muziek zelf ingezet. Nodeloze diva-noten worden vanuit de orkestbak vet onderstreept, coloraturen vliegen loeiend uit de bocht. Die grappen worden door dirigent Jan Willem de Vriend en het enthousiast spelende Combattimento Consort effectief aangezet, maar De Vriend laat in de puur muzikale scènes ook ruimte voor raffinement.

Dat is in de prima cast minder het geval; Henrike Jacob (Porporina) of Benoit Benichou (Ritornello) stellen hun stemmen vooral in dienst van de theatrale uitbeelding van hun karikaturale rollen. Opvallender is sopraan Sally Silver, die als opperdiva `La Stonatrilla' volvet acteren koppelt aan duizelingwekkende coloraturen. Muzikaal wordt zij echter voorbijgestreefd door de grandioos zingende Nederlandse sopraan Johannette Zomer (Smorfiosa). Zomer laat horen dat componist Gassmann wel niet kon tippen aan Mozart of Gluck, maar muzikaal tot veel meer in staat was dan satire alleen.

Voorstelling: L'opera seria van F. Gassmann door de Nat.Reisopera o.l.v. Jan Willem de Vriend. Gezien: 23/3 Lucent Danstheater, Den Haag. Tournee t/m 23/4. Inl. www.reisopera.nl of 053-4878500.