Oppositie aan de macht in Kirgizië

In Kirgizië heeft na een revolutie van slechts één dag de oppositie de macht gegrepen. President Askar Akajev is verdwenen en de oude regering en het pasgekozen parlement zijn naar huis gestuurd.

De machtswisseling ontrolde zich in een paar uur. Gisterochtend gingen demonstranten de straat op in de hoofdstad Bisjkek. Velen van hen waren vanuit het al bijna een maand roerige zuiden van Kirgizië naar de noordelijke hoofdstad gekomen. Toen ze aanstalten maakten het Witte Huis – machtscentrum van het land, met de kantoren van de president en de regering – te bestormen, bood de politie aanvankelijk nog tegenstand, maar na korte tijd hield ze zich afzijdig en hadden de betogers vrij spel. Ze bezetten het gebouw en verbrandden portretten van president Akajev.

Na het Witte Huis bezetten de betogers ook het gebouw van de televisie. Daarop waren de bakens definitief verzet. Het Hooggerechtshof kwam bijeen om de resultaten van de parlementsverkiezingen van 27 februari te annuleren – die frauduleus verlopen verkiezingen hadden opstand in het zuiden op gang gebracht. Het vroegere parlement kwam vervolgens bijeen. Het stelde vast dat premier Nikolaj Tanajev was afgetreden en droeg de taken van de regering over aan een `Coördinatieraad van Nationale Eenheid' van de oppositie. In juni worden presidentsverkiezingen gehouden.

Waar president Askar Akajev – aan de macht sinds Kirgizië in 1991 onafhankelijk werd – is gebleven weet niemand zeker. Akajev nam gisteren door een achterdeur de benen toen het Witte Huis door de betogers werd belegerd. Volgens sommige geruchten is hij naar de Russische luchtmachtbasis Kant gevlucht, even buiten Bisjkek. Volgens andere is hij naar Rusland ontkomen, volgens weer andere naar Kazachstan.

Gistermiddag meldde Koermanbek Bakajev, een van de leiders van de oppositie, dat het parlement hem tot premier heeft benoemd; een andere oppositieleider was waarnemend presdient geworden. Vanochtend corrigeerde Bakajev die uitlating: hij was benoemd tot waarnemend president èn tot waarnemend premier.

Gisteren werd een van de belangrijkste oppositieleiders, Feliks Koelov, voormalig vice-president, uit de gevangenis bevrijd, naar het parlement gebracht en chef van de gecombineerde veiligheidsdiensten gemaakt. Hij werd vannacht geconfronteerd met zijn eerste crisis toen duizenden mensen in een viertal grote winkelcentra in Bisjkek aan het plunderen sloegen. Bij schermutselingen vielen drie doden – onduidelijk is echter wie met wie slaags raakte. Bij de betogingen en de bestorming van het Witte Huis werden gisteren in totaal tussen dertig en zeventig mensen gewond – de schattingen variëren.