Beck

Kan iemand Beck Hansen een nieuw effectpedaal voor zijn verjaardag geven? De betovering van de grauwe blues-knars, bekend sinds zijn eerste hit I'm A Loser (uit 1994), is langzamerhand uitgewerkt. Dat Beck ons er in de eerste klanken van zijn nieuwste cd, Guero, meteen mee om de oren slaat, belooft niet veel goeds voor zijn avontuurlijkheid.

Guero (Los Angeles-slang voor `blondje', zoals Beck als kind werd genoemd) blijkt dan ook een stap terug in de tijd. De sfeer, muzikale stijl en instrumentaties van deze achtste cd doen denken aan Mellow Gold, zijn doorbraak-cd uit 1994. Dat betekent dat hij heen en weer zwalkt van een mariachi-orkestje (Que Onda Guero) naar minimaal sample-gebliep (Hell Yes) en een vervormd bluesriff (Broken Drum). Beck en producers The Dust Brothers gebruikten samples van soulplaten, maar het blijft allemaal priegelig en weinig spontaan. Dat hij geen geramde popsong schrijft is tot daar aan toe (Girl komt het dichtst in de buurt – zo lichtgewicht dat het ook van Maroon5 kon zijn), erger is het dat zijn bravoure als zanger verdwenen is. Het klinkt alsof hij zich met lange tanden door de als altijd absurdistische teksten worstelt. In veel liedjes wordt gerapt, maar dat doet Beck nog zoutelozer dan ooit Debbie Harry in Atomic.

Het swingendste moment van Guero komt op naam van vriend Jack White (van de White Stripes). Hij leverde voor Scarecrow een wulpse basgitaar, die ondubbelzinnig verwijst naar Michael Jacksons Billy Jean.

Beck. Guero (Geffen 2498802878)