Baanploeg begint sterk bij titelstrijd

Met zilver en brons is de Nederland de WK baanwielrennen in Los Angeles afgelopen nacht boven verwachting begonnen. De teamsprinters moesten in de finale buigen voor het ervaren Groot-Brittannië. Yvonne Hijgenaar werd derde op de 500 meter tijdrit.

Theo Bos twijfelde lang of hij zou starten op de teamsprint. De titelverdediger op de sprint vreesde overbelasting, maar vond ook dat hij zijn maatjes Teun Mulder en Tim Veldt niet in de steek kon laten. Het drietal won in december een wereldbekerwedstrijd, waarna Bos `opener' Mulder toezegde op de WK te starten mits hij een eerste ronde zou kunnen rijden onder de achttien seconden.

,,In december reed ik hier in LA nog 18,3 als opening. Tim en Theo gingen begin dit jaar naar Australië, waarna ik me in Alkmaar helemaal suf ben gaan trainen.'' Met succes. Bij een test, drie weken voor de WK, opende Mulder in 17,8 en was Bos overtuigd. ,,Ik wilde alleen de teamsprint doen als we serieus kans maakten op een medaille'', zei Bos na afloop.

Natuurlijk was er even een lichte teleurstelling. ,,Als je in de finale staat, wil je ook winnen'', legde Mulder uit. Hij stak in grootse vorm en verraste vooral zijn teamgenoot Veldt, die in de finale even een metertje terrein moest prijsgeven waardoor Bos moest inhouden.

,,Een foutje'', had ook bondscoach Pieters geconstateerd. ,,Maar verder heeft Tim gewoon een geweldige progressie geboekt. Deze ploeg is samen 65 jaar, tegen die Engelsen bijna 95. Ik denk dat we in deze samenstelling nog jaren aan de top kunnen staan.''

Yvonne Hijgenaar slaakte een diepe zucht nadat alle rensters hun 500 meter hadden afgelegd: ,,Eindelijk.'' Ze bereikte voor het eerst het podium, na een niet eens vlekkeloze race. ,,Ik had weer een hapering bij de start. Wat dat betreft, kan ik nog wat van Willy leren'', knikte ze in de richting van teamgenote Willy Kanis die vierde werd in 35,056. De 20-jarige Kanis, als fietscrosser de nummer twee van de wereld, reed 0,8 seconde van haar persoonlijk record af.

Hijgenaar moest met 34,928 alleen de Wit-Russische Natalja Tsilinskaja (34,738) en de Australische titelverdedigster Meares (34,752) voor zich dulden.