`Museum te afhankelijk van sponsors'

De bedrijfsvoering van het Centraal Museum in Utrecht moet beter. Dat concludeert een onderzoek in opdracht van cultuurwethouder T. Gispen. Het museum komt eenmalig 1.371.000 euro tekort.

Uit het rapport dat Floris de Gelder, directeur van het Nationaal Museum van Speelklok tot Pierement, voor wethouder Gispen opstelde blijkt dat het Centraal Museum de laatste jaren steeds afhankelijker is geworden van sponsorgelden. Er is jaarlijks slechts 100.000 euro expositiebudget en 50.000 euro voor marketing beschikbaar, terwijl daaraan gemiddeld acht ton per jaar wordt besteed. Een deel van het tekort, 640.000 euro, betreft achterstallig onderhoud. Het Rietveld-SchRÖderhuis, dat op de werelderfgoedlijst van Unesco staat en door het Centraal Museum wordt beheerd, is dringend toe aan een opknapbeurt.

Wethouder Gispen (Leefbaar Utrecht) liet na het vertrek van directeur Sjarel Ex in het voorjaar van 2004 de financiële situatie van het Centraal Museum in kaart brengen. ,,Er waren over de boekjaren 2002 en 2003 al tekorten, maar die zouden incidenteel zijn, en waren door de gemeenteraad goedgekeurd'', aldus Gispen. ,,Gedurende een aantal jaren waren de uitgaven los komen te staan van de inkomsten. Er heerste een cultuur van `het komt welgoed'.''

Toen over 2004 opnieuw een tekort dreigde heeft Gispen maatregelen genomen. Zo is een aantal verliesgevende activiteiten gestopt, is de huur van externe medewerkers beperkt, is er bezuinigd op schoonmaakkosten, personeelskantine en de personeelsomvang, en zijn geen nieuwe kunstaankopen gedaan. Verder zijn strakkere regels opgesteld voor de financiëring van projecten. Door deze maatregelen is het tekort over 2004 teruggedrongen tot 400.000 euro. Het veilen van stukken uit het depot ziet Gispen als een mogelijke inkomstenbron. ,,Er is al een ontzamelingsplan dat door de gemeenteraad is goedgekeurd.''

Waarnemend directeur Ida van Zijl van het Centraal Museum zegt blij te zijn met het rapport en beaamt dat het museum sinds vorig jaar ,,op een strakkere manier'' is gaan werken. Zij verwacht dat dit jaar, mede door het succes van de Vikingen-tentoonstelling, wel een sluitende begroting wordt gehaald. Oorzaak van de tekorten is volgens Van Zijl dat bij het organiseren van exposities financiële risico's moeten worden genomen. ,,Vaak is de dekking nog niet helemaal rond, je geeft geld uit wat nog niet binnen is. Ook kunnen bezoekersaantallen tegenvallen, of transportkosten hoger uitvallen.'' Tegenwoordig worden volgens Van Zijl projecten stopgezet als blijkt dat de begroting niet rondkomt.

Volgens wethouder Gispen kan dit betekenen dat het aantal exposities in het Centraal Museum zal teruglopen. ,,Ik denk dat je naar twee of drie grote per jaar moet, blockbusters waarvoor eenvoudig sponsors te vinden zijn. Met de winst kunnen dan kleinere tentoonstellingen worden betaald.''

Voor de toekomst van het museum ziet wethouder Gispen twee richtingen: ,,Enerzijds moeten we internationaler gaan opereren met onze wereldmerken Rietveld en Bruna. Anderzijds moeten we ons meer richten op de locale cultuur. Utrecht is beroemd om zijn kerken, een Stad van Devotie. Dat moet je benutten.''

Gispen zal zijn ideeën binnenkort bespreken met de nieuwe directeur van het Centraal Museum. Hij verwacht dat de benoeming ,,binnen twee weken'' rond is. De besloten procedure, waarbij drie kandidaten is gevraagd te solliciteren, is volgens de wethouder nagenoeg afgerond. Een eerdere, open sollicitatieronde strandde vorig jaar omdat de overgebleven kandidaat Saskia Bos onder meer het expositiebudget te laag zou vinden. Gispen: ,,De nieuwe kandidaten kennen de financiële situatie van het museum, en dat was tot nu toe geen reden zich terug te trekken.''