Impuls nodig voor behalen groei in EU

De 25 lidstaten van de Europese Unie moeten in het najaar van 2005 'nationale hervormingsprogramma's' opstellen om een nieuwe impuls te geven aan de Lissabon-strategie ter versterking van de economie.

De EU-regeringsleiders hebben hierover gisteren op hun topbijeenkomst in Brussel overeenstemming bereikt. In de slotverklaring wordt geen melding meer gemaakt van het doel de EU tot de meest concurrerende economie te maken, zoals op de EU-top van 2000 in Lissabon was afgesproken. ,,We hebben moeten constateren dat we niet voldoen aan de ambities en dat de balans gemengd is'', zei de Luxemburgse EU-voorzitter Juncker. Veel doelstellingen van Lissabon, zoals invsteringen in innovatie en onderwijs, zijn overgenomen. Nieuw is de omstreden liberalisering van de dienstenmarkt.

De aanpak van de Lissabon-strategie wordt aangepast. Met nationale actieplannen moeten lidstaten meer verantwoordelijk worden voor versterking van de economie, waardoor resultaten moeten verbeteren. Ook kan dan meer rekening worden gehouden met ,,eigen behoeften en specifieke situatie''.

De regeringschefs volgen in grote lijnen voorstellen van de Europese Commissie en adviezen van de werkgroep onder leiding van ex-premier Wim Kok. De nieuwe Lissabon-strategie heeft de titel 'partnerschap voor groei en werkgelenheid' gekregen. De nationale actieplannen moeten tot stand komen in overleg met nationale parlementen, maatschappelijke organisaties en regio's. Hierbij is een belangrijke rol weggelegd voor de `nationale Lissabon-coördinator, waarvoor naar verwachting veelal een minister wordt aangewezen.

Elke drie jaar moeten de nationale actieplannen worden vernieuwd.Jaarlijkse verslagen moeten naar de Europese Commissie worden gestuurd, die de balans opmaakt. Bovendien zal de Commissie elke drie jaar als tegenhanger voor de nationale programma's een `communautair Lissabon-programma' presenteren met alle maatregelen die voor groei en banen op Europees niveau nodig zijn. Groei en banen staan centraal in de nieuwe Lissabon-strategie, maar ook zijn sociale en milieu-doelstellingen geformuleerd. Eerder was de Commissie gekritiseerd, omdat zij te weinig oog voor de twee laatste aspecten zou hebben.

Volgens de regeringschefs moet worden overwogen de uitstoot van broeikasgassem tegen 2020 met 15-30 procent te verminderen ten opzichte van wat al in het Kyoto-protocolis afgesproken, waarna in latere jaren meer reductie moet worden nagestreefd. In de slotverklaring wordt de rol van middelgrote en kleine bedrijven voor de economie benadrukt. De nieuwe Lissabon-strategie bevat op Frans initiatief een `Europees pact voor de jeugd' om onderwijs, opleiding, mobiliteit en de sociale integratie van jonge Europeanen te verbeteren.