Een belaagde IRA vormt extra gevaar

Het Noord-Ierse vredesproces ligt stil. Het is niet voor het eerst dat er een patstelling is ontstaan. Bij eerdere impasses nam de organisatie haar toevlucht tot aanslagen.

Het sobere kantoor van Sinn Féin in West-Belfast getuigt van de offers die de beweging de afgelopen decennia heeft gebracht voor de katholieke zaak in Noord-Ierland. Bij de poort is een gedenksteen voor een medewerker, die in 1989 werd doodgeschoten door de politie. Binnen staat een lijstje met een vergeelde foto van de begrafenisstoet van een gedode activist. De kist is omstuwd door een rouwende menigte, die Sinn Féin en de IRA, de gewapende zusterorganisatie, onvoorwaardelijk steunde.

Maar het tij is de laatste weken gekeerd door een brute cafémoord en een grote bankroof, beide naar alle waarschijnlijkheid door IRA-leden gepleegd. De IRA én Sinn Féin hebben daardoor een golf van kritiek over zich heen gekregen, juist vanuit de eigen achterban. Veel katholieken zijn het geweld en de willekeur van de IRA-strijders, waaronder ze al jaren gebukt gaan, beu. Maar al te vaak rieken de IRA-daden naar ordinaire criminaliteit. Ten onrechte houdt Sinn Féin de daders dikwijls de hand boven het hoofd, vinden velen.

Onzin, vindt Michael Ferguson, een vertegenwoordiger van Sinn Féin in het inmiddels op non-actief geplaatste regionale parlement van Noord-Ierland. ,,Wij steunen alle mensen die naar rechtvaardigheid streven. Die moord vloeide voort uit een ordinaire caféruzie. Dat tragische voorval wordt nu cynisch misbruikt door de politie en onze politieke tegenstanders.'' En de bankroof, waarbij 26 miljoen pond (38 miljoen euro) werd buitgemaakt? ,,Daarvoor is nog geen enkel bewijs geleverd'', stelt Ferguson. ,,Iedereen is toch onschuldig zolang zijn schuld niet is aangetoond?''

,,Het zijn leugenaars'', bromt een katholieke taxi-chauffeur uit West-Belfast in de veilige beslotenheid van zijn auto. Zijn volwassen zoon is onlangs door IRA-leden afgetuigd omdat hij 's avonds op een plaats langs de weg stond waar het de IRA niet behaagde. Een vriend van zijn zoon was al eerder onder handen genomen met golfclubs tot er geen bot meer heel was. De jongen zit nog altijd in een invalidenkarretje. ,,Ik zal bij de komende verkiezingen ditmaal zeker niet op Sinn Féin stemmen'', aldus de chauffeur.

De politicoloog Sydney Elliott, verbonden aan Queen's University in Belfast, meent dat de gebeurtenissen van de laatste maanden bewijzen dat er een groeiende kloof is tussen de politieke leiders van Sinn Féin en hun collega's van de IRA. Eind november leken de politieke partijen, Sinn Féin en de extremistische protestanten van dominee Ian Paisley incluis, dicht bij een akkoord over ontwapening van alle paramilitaire groepen. ,,Gerry Adams had het er toen over dat de IRA-strijders voortaan als een soort veteranen zouden moeten worden behandeld'', aldus Elliott. ,,Ik krijg de indruk dat dat niet goed is gevallen bij de IRA-leiders, die zich in die rol niet herkenden.''

De ontwapening van de IRA en de andere gewapende groepen in Noord-Ierland is de afgelopen jaren al vaker een breekpunt geweest bij onderhandelingen. De bewapende strijders vrezen macht en invloed te verliezen, ook in financieel opzicht, en deinzen er daarom voor terug hun wapens in te leveren. Elliott wijst erop dat de IRA beschikt over goed georganiseerde smokkelroutes. Die profijtelijke activiteiten geven ze niet graag op. ,,De beweging is uitgegroeid tot een soort staat in de staat.''

De protestantse partijen, bovenal Paisley's Democratic Unionist Party (DUP), zien intussen niet zonder genoegen hoe Sinn Féin en de IRA in het defensief zijn gedrongen. ,,Het is lang geleden dat we dat gezien hebben. Dat verschaft ons een zeker plezier'', zegt Simon Hamilton van het DUP-kantoor in Oost-Belfast welgemoed.

Zonder risico is de huidige toestand echter niet. Een kat in het nauw maakt immers rare sprongen, waarschuwt Elliott. ,,Wanneer je nerveus bent en goed bewapend, zoals de IRA, dan kan dat gevaarlijk zijn.'' Tot die conclusie zijn kennelijk ook de autoriteiten in Londen gekomen. Een paar dagen geleden deden ze een waarschuwing uitgaan naar bedrijven om extra op hun hoede te zijn voor eventuele aanslagen door aanhangers van de IRA. De kans daarop werd als ,,substantieel'' aangemerkt.

Elliott herinnert eraan dat Sinn Féin en de IRA in 1996, toen er eveneens een impasse in de vredesonderhandelingen voor Noord-Ierland heerste, ook hun toevlucht namen tot nieuwe aanslagen: in Londen en Manchester. De beweging wilde weer serieus genomen worden. En die strategie had succes: de beweging wist bij de volgende verkiezing meer stemmen te winnen.

Maar het Noord-Ierse vredesproces zit momenteel hoe dan ook muurvast. De DUP, de grootste protestantse partij, weigert voorlopig zaken met Sinn Féin te doen. Hamilton: ,, Dat is moeilijk voorstelbaar, zolang ze zich met ondemocratische praktijken als moorden en bankroven inlaten.''

Ferguson van Sinn Féin betwist niet dat het vredesproces in een diepe crisis verkeert. ,,Maar welk alternatief hebben we'', vraagt hij zich af. ,,Onderhandelingen vormen uiteindelijk de enige weg vooruit.''