Duelleren met vetowapens

Art.I-55 (1) Het meerjarig financieel kader beoogt een ordelijke ontwikkeling van de Unie te waarborgen binnen de grenzen van haar eigen middelen.

De begrotingsprocedure in de Europese Unie is en blijft knap ingewikkeld. De belangrijkste verandering in de Europese Grondwet is dat het Europees Parlement meer te zeggen krijgt over de besteding van het beschikbare budget.

De Grondwet laat de bestaande begrotingscyclus intact. Die bestaat uit een drietrapsraket: de jaarlijkse begroting moet passen in het `meerjarig financieel kader', dat op zijn beurt onder het `eigen middelen'-plafond moet blijven.

Over eigen middelen en financieel kader kan de Raad van Ministers alleen beslissen met eenparigheid van stemmen. De limiet (eigen middelen) ligt nu bij 1,24 procent van het bruto nationaal inkomen (bni) van alle EU-landen tezamen. Verschillende landen, waaronder Nederland, willen het volgende financieel kader (2007 tot en met 2013) tot 1 procent beperken. (Het federale budget in de Verenigde Staten bedraagt 20 procent van het Amerikaanse bni).

Over de unanimiteiteis voor het meerjarig financieel kader is door de opstellers van de Grondwet langdurig geduelleerd. Tegenstanders wezen erop dat bijvoorbeeld Frankrijk met dit vetowapen landbouwhervormingen kon torpederen en Spanje extra steun uit Brussel kon bevechten. Maar ook Nederland was gebrand op behoud van zijn veto. Al was het maar om ,,een bevredigede oplossing'' te forceren voor het relatief hoge bedrag zijn onderdanen nu aan de Unie betalen.

Deze rubriek belicht, in de aanloop naar het referendum in Nederland op 1 juni, artikelen uit de Europese grondwet. Lezers die vragen hebben over deze grondwet kunnen het formulier op www.nrc.nl/europa invullen.