Boskovski in Scheveningse cel

De vroegere Macedonische minister van Binnenlandse Zaken Ljube Boškovski is vandaag vanuit Zagreb naar Den Haag overgebracht. Hij is door het Joegoslavië-tribunaal aangeklaagd wegens oorlogsmisdaden in de oorlog tegen Albanese rebellen in 2001.

Boškovski en de oud-militieleider Johan Tarculovski, die ook lijfwacht van de toenmalige president was, zijn de enige Macedoniërs die door het VN-hof in staat van beschuldiging zijn gesteld voor misdaden die zijn gepleegd tijdens de oorlog tegen het legertje van de Albanese minderheid. Tarculovski zit al sinds een week in de Scheveningse strafgevangenis.

De twee dragen volgens het Joegoslavië-tribunaal de directe verantwoordelijkheid voor een incident waarbij in augustus 2001 een door Albanezen bewoond dorp bij de hoofdstad Skopje, Ljuboten, werd omsingeld. De bewoners die wilden vluchten werden tegengehouden en ernstig mishandeld, in een aantal gevallen vermoord. Een groot deel van het dorp werd platgebrand. Voor de aanval was volgens het Haagse tribunaal geen enkele militaire noodzaak.

Boškovski zat sinds midden vorig jaar in een Kroatische gevangenis wegens een aanklacht die in Macedonië zelf tegen hem was uitgebracht.