Ballet Tragic Torso II is slechts bij vlagen prachtig

Piet Rogie maakte in 2001 een van de beste voorstellingen ooit in de Nederlandse moderne dans: Tragic Torso, dat een dansante en persoonlijke versie was van het werk van schilders Francis Bacon en Marlene Dumas. Vorig jaar maakte de Vlaamse Rotterdammer Rogie nog zo'n `beste ooit': Spring naar Le Sacre du Printemps maar het heeft allemaal niet mogen baten want Rogie & Company krijgt vanaf 2005 geen meerjarige subsidie meer. Toch vond het plan om van Tragic Torso een grote-zaalversie te maken doorgang maar de vraag is of een maatje meer ook een betere remake oplevert. Is succes herhaalbaar?

Het antwoord luidt eenduidig nee. Zoals van films een vervolg zelden beter is, zo is ook de vergelijking tussen Tragic Torso en Tragic Torso II een ongemakkelijke.

In de kleine zaal gromde tijdens de uitvoering van Tragic Torso de agressie en grepen alle dierlijkheid en pijn maar ook de humor je bij de keel. Ontluistering werd mooi in Rogie's oerversie, de theatrale vervreemding was effectief.

In de grote zaal telt echter de wet van de afstand en dus koos Rogie nu voor duidelijker lijnen, veel synchrone dans in groepjes en veel lichtwisselingen. Negen dansers gaan in Tragic Torso II tegen een decor van twaalf opgespannen koeienvellen een (schijn)gevecht aan met zichzelf en elkaar. Er vallen weer klappen maar ze zijn deze keer veel minder bedreigend omdat je de bezeten dansers van toen niet meer op de huid zit.

Als sierlijke slachters met slagersschorten bedreigen de dansers elkaar pantomimisch met messen, er wordt weer gegleden op plassen water maar er wordt deze keer vooral veel koddig gedanst. Beetje flubberen op de plaats, lekker maf diagonaal rennen; de bedreiging en de onderhuidse waanzin van weleer is nu een stuk onschuldiger en speelser. Tragic Torso II is zelfs redelijk aangenaam en esthetisch in vergelijking met zijn voorganger.

Vergelijk je de productie Tragic Torso II echter met met de eveneens op Francis Bacon geïnspireerde voorstelling Bacon van Nanine Linning – die vorige week in première ging en die koos voor een veel onschuldiger dansesthetiek – dan blijft de bezielde theatraliteit van Rogie zeer zeker overeind. Bij vlagen is het prachtig en sommige oude scènes als die van dansers Jens van Daele en Reinier Schimmel, die als clownsduo aan een danseres staan te trekken, zijn meer dan overtuigend. Rogie kreeg het ritme echter niet onder de knie en verviel in een te gelijkmatig tot saai tempo. Het gevaar, de uiteengereten dierlijkheid van Bacon en de ontluisterende condition humaine van Dumas, ontbreken. Tragic Torso II is mooi, goed gedanst en heerlijk veilig. In vergelijking. Wie de eerste versie nooit gezien heeft zal er zeker anders over oordelen.

Rogie & Company: Tragic Torso II. Choreografie: Piet Rogie. Gezien 23/3 Schouwburg Rotterdam. Tournee t/m 2/6. Inl: www.rogie-company.nl