Wat is de Europese dienstenrichtlijn?

Op 13 januari 2004 ging de Europese Commissie akkoord met het voorstel van de toenmalige Nederlandse Europees Commissaris Bolkestein (Interne Markt) voor de liberalisering van de Europese dienstenmarkt.

Het gaat om een breed spectrum van diensten: van reclamebedrijven, consultants, architecten, loodgieters, reisbureaus, audiovisuele diensten tot bepaalde gezondheidsdiensten. Bijna 70 procent van de EU-economie bestaat uit diensten.

Financiële diensten, transport en telecom vallen er niet onder, omdat hiervoor al aparte Europese regels gelden. Publieke diensten die direct door overheden worden geleverd vallen er ook buiten.

De ontwerp-dienstenrichtlijn wil vooral nationale barrieres weggenomen die het gevolg zijn van vaak zeer gedetailleerde regels in lidstaten voor specifieke beroepsgroepen. Zo moet een buitenlandse dienstverlener in sommige lidstaten de behoefte van de markt aantonen.

Daarom is het `oorsprongslandbeginsel' een belangrijk uitgangspunt: voor een dienstverlenend bedrijf gelden de regels van het thuisland.

Lange procedures voor licenties in een andere lidstaat zijn dan niet meer nodig. Als een dienstverlenend bedrijf in een lidstaat is erkend, kan het in elke andere lidstaat actief worden.

In de ontwerp-richtlijn staat ook dat het `oorsprongslandbeginsel' niet geldt voor loonvoorwaarden en arbeidsomstandigheden. Hiervoor is de uit 1996 daterende richtlijn over tijdelijk gedetacheerde werknemers van kracht.