Twee doden bij aanslag in Libanon

Bij een bomontploffing in een christelijke wijk in een plaats ten noorden van de Libanese hoofdstad Beiroet zijn afgelopen nacht twee mensen gedood. Er vielen drie gewonden.

Het is de tweede aanslag in vier dagen in Libanon. De aanslag is volgens waarnemers bedoeld om het land te destabiliseren en de anti-Syrische oppositie te provoceren. In nacht van vrijdag op zaterdag raakten elf omstanders gewond toen een autobom ontplofte in een overwegend christelijke buitenwijk van Beiroet.

De aanslag van afgelopen nacht deed zich voor in een luxe winkel- en zakencentrum in Kaslik, ongeveer 20 kilometer ten noorden van Beiroet, en veroorzaakte een grote ravage. Volgens het Libanese televisiestation LBCI zijn de doden een Pakistaanse en een Indiase gastarbeider, en zouden de gewonden twee Sri-Lankezen en een Libanees zijn.

,,Het is duidelijk dat degenen die deze aanslag hebben uitgevoerd de veiligheid en stabiliteit van het land willen ondermijnen'', reageerde de parlementariër Faris Bouez afgelopen nacht in Kaslik. ,,Het is een politieke boodschap aan het adres van de (anti-Syrische) onafhankelijkheidsopstand'', zo zei hij. Bouez is een van de christelijke politici die het voortouw hebben genomen in het recent opgelaaide verzet tegen Syrië. Een andere parlementariër, Mansour Ghanem al-Boun, zei: ,,Het doel is chaos. Het land is het doelwit.''

In Libanon is het onrustig sinds de moordaanslag van 14 februari op voormalig premier Rafiq Hariri. De moord wordt door veel Libanezen aan Syrië toegeschreven en heeft de afgelopen weken geleid tot massale uitingen van onvrede over de dominante rol van Syrië in Libanon. Syrië heeft daarop aangekondigd al zijn troepen en veiligheidspersoneel uit het land te zullen terugtrekken.

Daarmee is ook al een begin gemaakt, maar voor secretaris-generaal Kofi Annan van de Verenigde Naties is dat nog niet genoeg. Na afloop van een onderhoud met de Syrische president Bashar al-Assad in de marge van de Arabische top in Algiers zei hij dat Syrië ,,een geloofwaardig en goed uitgewerkt tijdspad'' op tafel moet leggen voor een volledige terugtrekking. Daarop is door de VN al eerder aangedrongen.

De anti-Syrische oppositie, die uit diverse groeperingen bestaat, weigert mee te werken aan de vorming van een regering van nationale eenheid onder leiding van de door Damsacus gesteunde premier Omar Karami. De oppositie wil slechts een overgangsregering wier enige taak zou moeten zijn om de voor mei geplande algemene verkiezingen voor te bereiden.