Fogerty klinkt zo goed als vroeger

Het enthousiasme waarmee zanger John Fogerty op dit moment in ons land wordt onthaald is verrassend, maar terecht. De voorman van het legendarische Creedence Clearwater Revival gaf hier gisteravond voor het eerst een volwaardig concert (hij stond wel een keer in het voorprogramma van Tina Turner). Fogerty verkocht razendsnel twee concerten uit in de Heineken Music Hall. Dat wil zeggen dat elfduizend mensen warmlopen voor een man die de afgelopen decennia slechts af en toe een plaat uitbracht, en die het moet hebben van liedjes van een kleine veertig jaar oud.

Dat zijn dan wel onsterfelijke radio-hits als Proud Mary, Bad Moon Rising, Suzie Q of Who'll Stop The Rain. Toch zijn ze niet tijdloos. Wie zo'n liedje ergens opvangt weet meteen: eind jaren zestig. Ze laten zich nog altijd associëren met raciale onlusten en de Vietnam-oorlog. Weinig blanke muzikanten gaven hun grauwende rocknummers zo'n onheilspellende ondertoon; niet alleen door titels als Bad Moon Rising en Who'll Stop The Rain, ook door de stem van Fogerty die meestal klonk alsof hij door de duivel of een heethoofdige rivaal op de hielen werd gezeten. Bij Creedence (opgeheven in 1971) kon de goede verstaander toen al horen dat de summer of love niet lang zou duren.

John Fogerty, in zwart fluwelen broek met zwart satijnen hemd, klinkt nu hetzelfde als vroeger. Op het podium met drie gitaristen en een drummer waakt hij ervoor dat de liedjes van toen dezelfde kernachtige uitvoeringen krijgen. Geen keyboards, achtergrondzangeressen of andere poespas, Fogerty (59) en de zijnen kunnen het zo wel af. Niet alleen die stem met al zijn verschillende uitdrukkingen was als vanouds, ook het gitaarspel had de lome groove die zijn muziek ooit de naam swamprock opleverde. Nu bleek dat er twee Creedence-stijlen zijn: de rockliedjes (Bad Moon Rising, Proud Mary) en de nummers waarin de zompige bayou te herkennen is. Die hebben het ritme van een hardloper in het moeras, die na iedere stap een voet moet lostrekken. Het is die vertraging, én de ijzeren regelmaat waarmee de gitaar zijn lokroep uitstoot die de hoogtepunten van gisteravond, Run Through The Jungle en Suzie Q, hun swamp-stijl geven.

Dat Fogerty ook een protestzanger is sprak uit het titelnummer van zijn laatste cd Déjà Vu All Over Again. Hierin vergelijkt hij de oorlog in Irak met die in Vietnam. Boven het podium verscheen een scherm met projecties van doodskisten en lege soldatenlaarzen. Hij zei er verder niets over. Tussen de nummers vertelde Fogerty vooral hoe blij hij was hier te zijn. Het draaide nu om een `good time'. Daar was de zaal het mee eens.

Concert: John Fogerty. Gehoord: 21/3 Heineken Music Hall, Amsterdam. Herhaling: 25/3 HMH, Amsterdam.