Duitsland somber, Nederland opgewekt

De stemming onder Nederlandse en Duitse ondernemers verschilt hemelsbreed, zo blijkt uit vandaag bekend geworden onderzoeksresultaten. Terwijl het economische vertrouwen onder Duitse ondernemers daalt, stijgt dat onder industriële ondernemers in Nederland.

In Nederland bereikte het industriële vertrouwen in maart zelfs het hoogste niveau sinds juni vorig jaar, zo meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vandaag. In Duitsland slonk juist het ondernemersvertrouwen in maart tot het laagste niveau sinds september 2003, zo meldde vandaag het IFO in München, het gezaghebbende onderzoeksinstituut dat de conjuncturele stemming in Duitsland peilt.

Hoewel de producenten in de Nederlandse industrie ,,positiever [zijn] over de toekomstige productie'', leidt dat ,, optimisme leidt nog niet tot het aantrekken van meer personeel'', zei het CBS. ,,Vooral de producenten van consumptiegoederen zijn positiever over de toekomstige productie.''

Maar anders dan bij de producenten gaat het toe bij de consumenten. Het vertrouwen onder consumenten (gecorrigeerd voor seizoeninvloeden) is in maart vrijwel gelijk aan februari, meldde het CBS vandaag verder. ,,De lichte stijging van de afgelopen twee maanden zette in maart niet echt door. Consumenten vinden wel dat het minder slecht gaat met de economie, maar in hun eigen financiële situatie zien ze geen verbetering. De koopbereidheid bleef onveranderd laag.''

In Duitsland kwam vandaag de daling van het ondernemersvertrouwen onverwacht. Economen hadden verwacht dat de stemming onveranderd ten opzichte van februari was gebleven, zo blijkt uit een onderzoek van het Amerikaanse persbureau Bloomberg. Analisten verklaarden vandaag de daling uit de gestegen olieprijzen en dure euro, die het geringe herstel van de Duitse economie als het ware opeten.

De stemming onder Duitse consumenten is overigens niet beter dan in Nederland. De bloei van de Duitse export wil maar niet overslaan op de binnenlandse bestedingen. In de afgelopen zeven maanden is de euro negen procent ten opzichte van de dollar duurder geworden en sinds begin van dit jaar zijn de olieprijzen 35 procent hoger geworden, wat volgens analisten niet helpt om de binnenlandse markt te stimuleren noch de werkloosheid te verminderen, die nu op het hoogste niveau sinds de oprichting van de Bondsrepubliek staat.