`In Japan blijft spelersvrouw thuis'

De Japanse voetballer Shinji Ono (25) kwam in 2001 naar Feyenoord. De middenvelder heeft zijn weg gevonden in Nederland. Hij leerde hier onder meer voor zichzelf op te komen. En hij maakt reclame voor kaas.

De confrontatie met Nederlandse omgangsvormen ging voor Shinji Ono via een potje zout. Kort na aankomst bij Feyenoord dronk hij een keer een glas met medespelers. ,,Ik dacht: waarom is het zo zout? en waarom lacht iedereen?'', vertelt Ono op een doordeweekse dag ontspannen in De Kuip na afloop van de ochtendtraining. Het is onder Japanse voetballers niet gebruikelijk een zoutvaatje in iemands glas leeg te gieten als hij even niet kijkt. ,,In Japan zou een speler woedend worden. Hier kan dat niet. Dus deed ik hetzelfde terug'', zegt Ono lachend.

Ono is inmiddels gewend aan Nederland. Er aan gewend dat als je niet voor jezelf opkomt, niemand anders het voor je zal doen. Zo reageert Ono ook op de kritiek die door Nederlandse spelers is geuit over `sterallures' van de buitenlanders bij het team. ,,Ik vind het jammer dat over buitenlandse spelers is gezegd dat ze zich niet genoeg inzetten'', zegt Ono. Hij vindt het ook merkwaardig, want een breuk in het team ,,is er helemaal niet''. Maar als er dan toch kritiek wordt geleverd, dan retourneert hij het compliment graag: ,,Ik geef me voor honderd procent voor Feyenoord, ook tijdens de training. Op mijn beurt zou ik willen zeggen: de Hollanders tonen minder inzet.''

Ono is natuurlijk een ster in eigen land. Bij de ochtendtraining staan er weer drie Japanse meisjes langs het veld te wachten voor een foto met Ono en een handtekening op een Feyenoord-shirt dat ze net hebben gekocht. Verderop hangen vier Japanse journalisten tegen een auto in afwachting van `iets' dat wellicht nog een regel nieuws voor een Japanse krant oplevert.

Ono is een goede voetballer, maar dat de overgang naar Feyenoord ook werkelijk een succes werd, zegt Ono, was afhankelijk van andere factoren. ,,Ik had genoeg vertrouwen in m'n eigen spel. Het belangrijkste aspect voor succes hier, was wennen aan Nederlandse cultuur. Die overgang ging soepel dankzij alle hulp die ik heb gehad.'' Ono noemt met name Jan Mastenbroek, die namens Feyenoord achter de schermen als een peetvader over de spelers waakt. ,,Wat voor problemen er ook waren, ik kon hem altijd bellen.''

De verschillen waren legio. In Japan zitten tijdens wedstrijden gezinnen met kleine kinderen gezellig te picknicken op de tribunes. Bij Feyenoord wierpen aanhangers laatst vuurwerk naar de keeper van tegenstander Sporting Portugal. ,,Het ergste zijn uitwedstrijden. Dan krijg ik altijd aanstekers naar m'n hoofd als ik een hoekschop moet nemen.'' Ono begint te lachen en doet alsof hij een papiertje klein opvouwt. ,,Als ze dan zo nodig iets moeten gooien heb ik liever dat ze opgevouwen papiergeld gooien. Dan hou ik er nog iets aan over.''

Als belangrijkste verschil noemt hij de wijze waarop spelers met elkaar omgaan. Japan kent een tamelijk hiërarchische samenleving. De Nederlander Hans Ooft, in 1992-'93 bondscoach van Japan, vertelde ooit dat hij na aankomst in Japan in de jaren tachtig allereerst een einde moest maken aan de hiërarchische verhoudingen die tot in het veld doorwerkten. Jongere spelers behandelden ouderen met respect en durfden hen niet op fouten te wijzen, waardoor, aldus Ooft, een voetbalploeg niet als team functioneerde.

Iets van deze Japanse omgangsvormen is nog terug te vinden bij Ono. De buiging, bijvoorbeeld, die hij bij het verlaten van het veld maakt als hij wordt gewisseld zoals een judoka zijn tegenstander groet. ,,Dat leerden we al op de lagere school'', zegt Ono, en dus doet hij het nu nog.

Maar Ono is van een latere generatie dan de spelers die Ooft in de jaren tachtig aantrof. In Ono's schoolteam speelde in de jaren negentig de hiërarchie tussen ouderen en jongeren ,,op het veld'' al geen rol meer. Buiten het veld echter wel. In Nederland blijken de verhoudingen echter nog informeler. Ono was niet alleen verbaasd over de grap met zout in z'n glas, maar ook dat spelers soms mét vrouwen en vriendinnen gezamenlijk op stap gaan of een barbecue organiseren. ,,In Japan blijven de vrouwen thuis.''

Ono spreekt inmiddels genoeg Nederlands om tijdens dit soort uitjes overeind te blijven. Voor wedstrijden zelf maakt de taalkennis niets uit. ,,Op het veld weet ik wat ik wil en wordt me niks gezegd door anderen. Spelers begrijpen elkaar in het veld. Wanneer zeg je wat? Hooguit als je je ergens over opwindt.'' Taal was wel belangrijk voor de trainingen. ,,Ik wilde geen tolk op het veld. Dat is alleen maar vervelend.''

Een andere Aziatische speler, de Koreaan Chong-gug Song die kort na Ono bij Feyenoord kwam, haalde het echter niet en is met stille trom weer vertrokken. Ook al zag Guus Hiddink in zijn tijd als bondscoach van Zuid-Korea Song als een van de grootste talenten van het land. ,,Ik deelde altijd een kamer met Song tijdens trainingskampen en heb hem verteld wat ik in het begin als moeilijk heb ervaren'', vertelt Ono.

,,Het verschil tussen ons was dat ik bijvoorbeeld samen met de andere spelers ging eten en probeerde een goede relatie met ze op te bouwen. Song ging altijd onmiddellijk naar huis. Ik weet niet of dat nu was omdat zijn eerste zorg uitging naar zijn familie of iets anders, maar in ieder geval zocht hij geen contact met de andere spelers en communiceerde dus niet goed met ze.''

Aan sommige dingen in Nederland zal Ono nooit wennen, zoals het weer en het weinige zonlicht. De regio waar hij in Japan vandaan komt ligt tenslotte op dezelfde breedtegraad als Marokko. Andere zaken waardeert hij zeer, zoals rustig uit eten kunnen gaan in Rotterdam zonder dat er gillende meisjes rond zijn tafel staan. ,,Mensen zeggen wel eens wat op straat, maar laten me meestal met rust.''

Middenvelder Ono staat bij Feyenoord onder contract tot medio 2007. ,,Nu speel ik hier en wil ik me 100 procent inzetten. Als er een kans komt [ergens anders te spelen] dan is het vroeg genoeg er over na te denken.'' Via zijn Japans/Engelstalige website (www.shinji-ono.tv) maakt hij `reclame' voor Nederland, bijvoorbeeld via verkoop van een T-shirt met `Hollanda Kaas 100%' waarin `Holland' en de Japanse benaming `Oranda' zijn gecombineerd tot een nieuwe landsnaam.