De Graaf zoekt nog steun

Om de kroonbenoeming van de burgemeester uit de Grondwet te halen is vandaag een tweederde meerderheid in de Eerste Kamer nodig. Dat is meer dan de coalitiepartijen aan zetels hebben.

Het debat over de deconstitutionalisering (het uit de Grondwet halen) van de burgemeestersbenoeming, dat vanmorgen begon, is een zogenoemde tweede lezing. Dat is nodig omdat het een grondwetswijziging betreft. Daarbij moeten twee verschillende kabinetten een voorstel door beide Kamers loodsen, eerst met een normale meerderheid, daarna met een tweederde meerderheid. Minimaal vijftig van de 75 senatoren moeten vóórstemmen.

In eerste lezing (nog met toenmalig minister De Vries (PvdA) van Binnenlandse Zaken) ging de Eerste Kamer op 22 januari 2002 met een normale meerderheid akkoord met de deconstitutionalisering.

Toen nam de senaat het voorstel zelfs zonder stemming aan. De CDA-fractie liet echter wel een aantekening maken, hetgeen betekent dat (een deel van) de fractie tegen zou hebben gestemd als het op stemming aan zou zijn gekomen.

De tweede lezing werd op 9 november vorig jaar door de Tweede Kamer behandeld. Daar ging toen tweederde van de Kamerleden akkoord. Voor de tweede lezing in de Eerste Kamer, vandaag, is eveneens een tweederde meerderheid nodig om de grondwet definitief te wijzigen. De coalitie, die het voorstel waarschijnlijk zal steunen, heeft samen 41 zetels, met de steun van LPF en de Onafhankelijke Senaatsfractie komt het aantal voorstanders op 43. Daarom zijn er uit het tegenkamp (PvdA, SP, GroenLinks, ChristenUnie en SGP) nog minimaal zeven senatoren nodig.

Het was vanmiddag nog niet duidelijk of het debat in de senaat vandaag geheel wordt afgerond.