Van Manens Variations tijdloos en eigentijds

Zeer toepasselijk heet het nieuwe programma van het Nationale Ballet Master Moves, want het zijn werkelijk meesters die hier de bewegingen tot kunst hebben gemaakt. Georges Balanchine, Hans van Manen en William Forsythe – drie grootmeesters met verschillende achtergronden en carrières, maar alledrie werkend vanuit één en het zelfde uitgangspunt: dans als autonome kunstvorm met de klassieke ballettechniek als basis.

Frank Bridge Variations is het eerste werk dat Hans van Manen maakt na zijn terugkeer als huischoreograaf bij Het Nationale Ballet, op de gelijknamige compositie van Benjamin Britten. Uiteraard waren de verwachtingen hoog, en wat een prachtig tijdloos ballet is het geworden. Wie dacht dat Van Manen zijn terugkeer bij het klassiek gerichte ballet zou aanwenden om de gespecialiseerde spitzentechniek te gebruiken, komt bedrogen uit, maar hij gebruikt wel de scherpte en puntigheid van die techniek. Iedere beweging is glashelder en krijgt muzikale en dynamische accenten die zelfs het meest vertrouwde Van-Manen-vocabulaire weer even in een nieuw licht zetten.

De negen onderdelen van de Variations bestaan uit duetten en soli door twee solistenparen en groepswerk door drie mannelijke en drie vrouwelijke dansers. Ze volgen de gevarieerde sfeertekeningen van de muziek, met als opvallend onderdeel een door de hele groep uitgevoerde rouwmars, die slechts uit simpel lopen bestaat. De groepsdelen en de soli zijn driftig, terwijl de duetten een indringende melancholie hebben. Het optrekken van de schouders, de berustende neiging van een afgewend hoofd, de voorzichtige ondersteuning van een hand in de hals van een vrouw, het rondcirkelend glijden van een lichaam, een arm die even rond een middel geslagen wordt, het zijn allemaal dingen die Van Manen tot zo'n uniek choreograaf maken. Als geen ander laat hij louter in beweging zien wat er in een relatie tussen mensen gaande is. Dat maakt zijn werk heel tijdloos en eigentijds.

Decorontwerper Keso Dekker schiep een entourage waarin Van Manens werk optimaal tot zijn recht komt: een open ruimte met een witte vloer en gazen achterdoeken die door horizontale verschuivingen sfeerbepalend zijn, evenals de zwart/grijze tricots waar een donkerrode gloed doorschemert. De paren Igone de Jongh met Gaël Lambiotte, en Yumiko Takeshima met Cédric Ygnace, weten de intenties van de choreograaf uitstekend te interpreteren.

Balanchine's Symphony in C (1947), op muziek van Georges Bizet, is een regelmatig terugkerend werk in het repertoire van Het Nationale Ballet. Het kreeg een voortreffelijke uitvoering, met als verrassing een opmerkelijk poëtische vertolking van Nathalie Caris in het tweede deel. Tot slot een briljante uitvoering van Forsythes complexe The Second Detail (1991), op muziek van Thom Willems, waarin de dertien dansers hun lichamen in de meest onmogelijke houdingen moeiteloos door de ruimte jagen, en de schijnbare chaos een wonderlijke logica geven.

Voorstelling: Master Moves, door Het Nationale Ballet. Met: 1. Frank Bridge Variations, Hans van Manen. 2. Symphony in C door Georges Balanchine. 3. The Second Detail door William Forsythe. Mmv Holland Symfonia o.l.v. Dieter Rossberg. Gezien: 18/3 Muziektheater, Amsterdam. Aldaar t/m 5/4. Op 7/4 In Lucent, Den Haag. Inl. 020-5528225 of www.het-ballet.nl