Encores

,,In mijn hart heb ik me altijd een rebel gevoeld. Een rebel met zachte handschoenen. Mijn systeem snakt naar de vrijheid uit te spreken waarin ik geloof. Niemand kan je vertellen hoe Chopin gespeeld moet worden. Dat kun je alleen maar ontdekken met je hart. Ik hou niet van formules, want die verstikken het leven. Elk doel is een illusie. Als pianiste probeer ik het optimale te bereiken. Zo één te worden met de muziek, dat ik, terwijl ik op het podium zit, het meest directe medium word tussen de componist en het publiek.''

De Bulgaarse pianiste Marietta Petkova (37) sloot haar studie aan de Muziek Academie in Sofia af met een Gouden Medaille. Daarna was ze leerling van Paul Badura-Skoda in Wenen en Jan Wijn aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam, waar ze in 1994 afstudeerde met een `10 met onderscheiding'. Pianist György Sebök, bij wie ze jarenlang masterclasses volgde, is haar `belangrijkste muzikale gids'. Onlangs verscheen Petkova's zesde cd Encores, met prachtige live-opnames van toegiften ze de afgelopen tien jaar heeft gegeven.

,,Zingen is zijn, zegt de dichter Rilke. Dat is het motto van mijn nieuwe cd. Muziek wordt in vrijheid geboren en laat zich niet vangen in de lege kooi van een studio. De kracht van muziek ligt in de spontaniteit waarmee ze ontstaat, op dát moment en op díe manier. Muziek is ook een gedeelde ervaring met het publiek. Niet morgen of gisteren, maar met de intensiteit van het nu. Daarom geloof ik niet in knippen en plakken in de studio. Dan krijg je een klinkende pannenkoek.

,,Encores, toegiften, speel je op het moment dat de band met het publiek gegroeid is, en alles vrij vloeit. Ze wellen spontaan op. Ze ontstijgen het concertritueel en vormen een wereld op zich. Volgens Goethe ligt in ieder afscheid een kiem van waanzin. Alleen wat doodgaat is levenswaardig. Encores symboliseren dat voor mij. Een roos bloeit ook uit, dat hoort bij het leven. In de studio is er geen afscheid, dus ook geen leven.

,,Op mijn cd staan werken van Liszt, Brahms, Schumann, Chopin, Rachmaninov, Scriabin, Debussy, Händel, Bach en Bach/Busoni. Allemaal werken waar ik van hou, die me uitdagen in de huid van de componist te kruipen. Weg van het papier en de noten, op zoek naar de essentie. Die weg vinden is mijn avontuur. Samenvloeien met de muziek, de juiste klank vinden. Muziek maak je vanuit de plek waar je huilt, lacht en bemint. Dat bepaalt hoe het klinkt.

,,Ik lees graag brieven van componisten, daar leer ik veel van. Zo was Rachmaninov doodsbang voor regendruppels en meikevers. Hij vroeg zich voortdurend af hoe je kunt leven als je weet dat je doodgaat. Een wonderlijke man. Soms lijkt het wel alsof ik met hem praat, zo goed kan ik hem begrijpen. Maar het grootste wonder is Bach. Voor hem geen internet, geen reizen, geen opwindend leven. En toch wist hij alles van het leven.

,,Busoni's bewerking van Bachs Adagio uit de Toccata BWV 564 is mijn dierbaarste toegift. Dat heeft met Sebök te maken. In de oorlog moest Sebök in de mijnen werken – de spinnen kropen over zijn hoofd. De enige manier om te overleven was ieder gevoel uitschakelen. Toen hij weer begon te spelen, kon hij niets meer voelen. Pas toen hij dit Adagio van Bach/Busoni speelde, brak zijn verdriet en begon alles weer te stromen.''

Petkova: Encores (DORON music DRC 3046); Inl.: www.mariettapetkova.com