De weg terug

Het is een merkwaardig trapje, daar in de Arena. De opkomst en aftocht van een trainer in dat stadion is niet legendarisch. De trap is door de architect een beetje weggemoffeld. Als je niet wist dat je in een voetbalstadion was, zou je zweren dat je na die tien treden beneden in een parkeergarage uitkwam. Nog even naar de betaalautomaat, kaart erin, kaart eruit en wegwezen.

Na het tweede doelpunt van Ajax, op slag van rust, wachtte Guus Hiddink niet op zijn feestende spelers. Hij stond op van zijn stoel en vertrok naar de catacomben. Zorgvuldig nam hij de trap naar beneden terwijl op het veld doelpuntenmaker Mark van Bommel werd geknuffeld door zijn medespelers. De trainer liet het feesten over aan de spelers. Hiddink zat als eerste binnen.

Volgend jaar wil John de Mol televisiecamera's hangen in de kleedkamer. Dan zien we Hiddink in zijn eentje rondlopen. Hij vergeet even dat iedereen meegeniet. Hij loopt naar een spiegel in de badruimte, gaat met een hand als kam door zijn haar. Knipoogje erbij. Maakt een smakgeluid met zijn keel, bevochtigt zijn lippen met zijn tong en blaast zijn wangen op.

Als hij het geluid van slepende noppen hoort, loopt hij naar de kleedruimte. De deur zwaait open. Hiddink schenkt net het eerste kopje thee in.

Hiddink laat bij succes en teleurstelling nooit het achterste van zijn tong zien. Tomorrow is another day.

Alle ogen waren bij de ruststand van 0-2 gericht op Danny Blind. Hij voorspelde het al; hij had tijd nodig, hij predikte rust. Maar toch, alle Ajacieden eisten gistermiddag onmiddellijk resultaat. Hoe loop je als nieuwe coach met zo'n hopeloze achterstand van het veld naar de catacomben? Blind stond op. Hij had nog een lange weg te gaan, misschien wel twintig meter. Hij probeerde het tempo erin te houden maar de motoriek verraadde toch een innerlijke mokerslag. Daar kwam de trap.

Wie een trap afloopt, kijkt vanzelf al naar beneden. Bij de laatste treden verdween de linkerhand van Blind in zijn broekzak. Met zijn rechterhand ging de trainer naar zijn achterhoofd. De wijsvinger krabbelde, even maar, in de krullen achter het oor.

Jeuk. Twijfel. Ongemak.

Alle sluimerende vragen in het hoofd van Blind werden geactiveerd door dat ene krabbeltje in de haardos. Had ik niet beter in de zomer als nieuwe trainer kunnen aantreden? Mag die hatelijke 1 van mijn clubstropdas af? Waarom zit Ruud Krol naast me? Hoe krijg ik Van der Vaart weer in vorm? Blind verdwijnt in de catacomben.

Na de rust liep hij de trap weer op. Als Blind goed tuurde, kon hij aan de overkant van het veld de foto van Rinus Michels zien staan, omgeven door bossen rozen. Michels stond aan de rand van het veld, met een ouderwets logo van Ajax op zijn stropdas. Op de foto wendde hij zijn gezicht af.

Tien minuten voor tijd verliet Marco van Basten de tribune. Hij kwam uiteindelijk ook bij de trap uit en ging op zoek naar de uitgevallen Phillip Cocu. Met twee handen in de zakken, de halflange, bruine carcoat iets opzij geduwd, nam de bondscoach de treden naar beneden. Rustig, onaantastbaar. Hij keek halverwege nog een keer om naar het veld, alsof hij in één oogopslag besloot André Ooijer toch nog te selecteren.

Na de wedstrijd liep Hiddink op Blind af. Baas boven baas, zoals vroeger, toen Blind nog onder Hiddink in Oranje speelde. Na het handen schudden, nam Blind de trap. De kleedkamer ligt maar een paar treden lager dan het veld. En toch voelde de weg naar beneden voor Blind loodzwaar aan.