Ouders Curaçao willen Nederlands op school

Sinds op de kleuterscholen op Curaçao de lessen in het Papiaments zijn, groeien de wachtlijsten voor scholen die vasthouden aan het Nederlands.

,,Nummer 129, Ronald Marlin, komt u verder.'' Lachend loopt de vader van de vierjarige Christopher naar voren als zijn nummer wordt geroepen. Met de ouders van 175 andere kinderen staat hij op het schoolplein van de protestantse kleuterschool Albert Schweitzer, om zijn zoon aan te melden voor het komend schooljaar. En dat terwijl er in augustus maar ruimte is voor 70 nieuwe leerlingen.

De kleuterschool is populair om de manier waarop er wordt lesgegeven, maar vooral omdat de lessen in het Nederlands zijn. Dat is uitzonderlijk, omdat de Antilliaanse overheid sinds drie jaar wil dat in de klassen Papiaments wordt gesproken. Van de 53 kleuterscholen op Curaçao houden er nog vier vast aan het Nederlands.

Het Papiaments als voertaal op school stuit op veel verzet bij ouders die hopen dat hun kind later in Nederland gaat studeren. ,,Wij zijn van huis uit Nederlandssprekend'', zegt de uit Suriname afkomstige Iris Loods, die ook in de rij staat voor de Albert Schweitzerschool om haar dochter in te schrijven. ,,En ik wil mijn kind niet uitsluiten van verdere studie. De beslissing die de regering heeft genomen is discriminerend voor de Nederlandssprekende groep in de Curaçaose samenleving.'' En daarmee is de Nederlandse discussie over `witte' en `zwarte' scholen ook naar de Antillen overgewaaid – een onderwerp dat gezien het koloniale verleden extra gevoelig ligt.

Funderend Onderwijs, zo heet het systeem dat drie jaar geleden op de Antillen is ingevoerd en dat is gericht op ,,algemene vorming van de Antilliaanse burger in de Antilliaanse samenleving''. En daarbij hoort op Curaçao dat de lessen niet meer in het Nederlands, maar in het Papiaments moeten plaatsvinden.

Oudere kinderen, vanaf acht jaar, krijgen Nederlands nu alleen nog als apart, verplicht vak aangeboden. De groep vier- tot achtjarigen leert het Nederlands op school kennen via liedjes en spelletjes.

Voor Iris Loods, zelf onderwijzeres, is dat niet genoeg. ,,Voor de invoering van het Funderend Onderwijs was Nederlands de voertaal op alle Curaçaose scholen. Leerlingen die de les niet snapten, kregen uitleg in het Papiaments. Dat hadden ze gewoon zo moeten laten.''

Dat ouders zoveel moeite doen hun kind op een Nederlandstalige school te krijgen, is een doorn in het oog van de Curaçaose gedeputeerde van Onderwijs, Eduardo Cova, in functie vergelijkbaar met een wethouder van een Nederlandse gemeente.

,,Wat mij betreft geven alle scholen les in het Papiaments, want we leven op Curaçao en dat is hier de voertaal'', zegt Cova in het bestuursgebouw in Willemstad. [Vervolg CURACAO: pagina 2]

CURACAO

'Wij willen hier geen elitescholen'

[Vervolg van pagina 1] In de discussie speelt de taal eigenlijk een ondergeschikte rol, vindt de gedeputeerde: ,,De rode draad is de perceptie dat bepaalde scholen voor de elite zijn. Terwijl een school een weergave van het mengsel binnen de gemeenschap moet zijn.''

Volgens Angelique Leenders, hoofd en coördinator van het Albert Schweitzer Funderend Onderwijs, zoals de kleuterschool tegenwoordig heet, is de elitaire reputatie van de school vooral een overblijfsel uit het verleden. ,,Wij zijn als school een protestanse vereniging, van oudsher zaten hier kinderen van Nederlanders en Surinamers. Dat waren kinderen van zakenlui en advocaten en dat idee is gebleven.''

Bij de invoering van het Funderend Onderwijs, dat nu tot groep drie reikt en per 2012 volledig ingevoerd moet zijn, hebben verschillende belangengroepen bedongen dat er vier Nederlandstalige scholen overblijven. Cova accepteert dat, maar hij is er niet blij mee. Het gaat de oud-inspecteur van onderwijs erom wat leerlingen kunnen bevatten. ,, Kinderen met een sterke achtergrond redden het overal, het gaat juist om de zwakkeren. En kinderen die thuis Papiaments spreken kunnen in die taal veel makkelijker leren lezen dan in het voor hen vreemde Nederlands.''

Daar kan Esther Kramer zich wel in vinden. Ze is lerares op de openbare Joan Mauritsschool, waar de eerste drie groepen nu les krijgen in het Papiaments. Toch heeft Kramer moeite met de manier waarop het Funderend Onderwijs is ingevoerd. ,,Het is overhaast gebeurd en niemand weet precies wat het is'', zegt ze op een terras in de volkswijk Otrabanda. ,,Het Funderend Onderwijs is een idee maar het is totaal niet uitgewerkt. Leerkrachten moeten zelf hun lesmateriaal ontwikkelen en iedereen is als de dood dat ze het fout doen, want er zijn geen concrete richtlijnen voor.''

Gedeputeerde Cova vindt dat geen probleem. ,,Er is geen enkel argument aan te dragen waarom er niet in het Papiaments kan worden lesgegeven. Zijn er niet genoeg boeken? Dan moeten die er komen. Punt!'' De ouders op het schoolplein van het Albert Schweitzer wachten daar liever niet op. ,,Het is jammer dat het zo gaat'', zegt Ronald Marlin, in het dagelijks leven inspecteur van politie. ,,Want het is nu maar een lot uit de loterij. Ik kan alleen maar hopen dat Christopher hier volgend jaar naar school kan. Studie is toch een financiele kwestie, er zijn in de regio genoeg goede universiteiten, maar in de Verenigde Staten bijvoorbeeld zijn die veel duurder dan in Nederland.''