`Meer druk regio nodig op N-Korea'

De Verenigde Staten willen dat de Aziatische buurlanden de druk opvoeren op het communistische bewind in Noord-Korea om terug te keren aan de onderhandelingstafel.

Met die boodschap is de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Condeleezza Rica, vandaag begonnen aan haar eerste rondreis als bewindsvrouw in Oost-Azië. Ze doet vandaag Japan aan en bezoekt morgen Zuid-Korea. Zondag komt ze naar China. Het belangrijkste gespreksthema is de Noord-Koreaanse nucleaire dreiging.

Op de Amerikaanse nieuwzender CNN onderstreepte topman Mohammed ElBaradei van het Internationale Atoom Energie Agentschap (IAEA) gisteren ,,het op handen zijnde gevaar'' van Noord-Korea bij de productie van atoombommen. Volgens ElBaradei gaat van Noord-Korea een veel grotere nucleaire dreiging uit dan van Iran. ,,We weten dat Noord-Korea het plutonium heeft dat kan worden gebruikt voor de bom. Zulk materiaal hebben we in Iran niet gezien'', zei hij.

In december 2002 zette Noord-Korea alle waarnemers van de IAEA het land uit, zodat de organisatie geen zicht meer heeft op de ontwikkelingen daar. ,,In Iran zijn we actief, daar verzamelen we informatie en weten we, min of meer, wat gaande is. In Noord-Korea spreken we over een absoluut zwart gat'', aldus AlBaradei.

Pogingen om het conflict over het Noord-Koreaanse nucleaire programma op te lossen via het zogeheten zes-partijenoverleg (de beide Korea's, de VS, China, Rusland en Japan) hebben tot dusver geen resultaat opgeleverd. In februari liep het conflict verder op toen Pyongyang aankondigde niet langer te willen praten en te werken aan een atoombom, uit woede over de uitspraak van de toen pas benoemde Rice dat Noord-Korea een ,,voorpost van tirannie'' is. Gisteren zei minister Rice dat ze niet van plan is verontschuldigingen aan te bieden. ,,Ik ga geen semantisch debat aan met de Noord-Koreanen. Er staat veel op het spel voor de Noord-Koreanen en ze moeten terugkeren aan de onderhandelingstafel en ophouden met het proberen van onderwerp te veranderen.''

Probleem voor de VS is dat de Aziatische gesprekspartners in de onderhandelingen een minder harde koers voorstaan jegens Noord-Korea. De deze week aangetreden gezant van Rice voor Oost-Azië, Christopher Hill, erkende deze week tijdens een hoorzitting in de Senaat dat er ,,een licht verschil'' van benadering bestaat tussen de VS en Zuid-Korea (dat een `zonneschijn'-beleid voorstaat). Volgens Hill, tot voor kort Amerika's ambassadeur in Seoul, is het van het grootste belang dat het zes-partijenoverleg wordt voortgezet en dat er vooruitgang wordt geboekt. Als Pyongyang blijft weigeren terug te keren aan de onderhandelingstafel, moeten de VS volgens hem naar andere middelen zoeken. Direct bilateraal vredesoverleg tussen de VS en Noord-Korea, waarnaar Pyongyang streeft, is daarbij uitgesloten. ,,Dat zullen we niet accepteren'', zei Condeleezza Rice eerder deze week.